09-03-2012 Het aantal aangiften van transportcriminaliteit is ten opzichte van vorig jaar met 3 procent gedaald. Dit blijkt uit cijfers van het Korps landelijke politiediensten (KLPD). De daling van het aantal ladingdiefstallen is vooral te danken aan de effectieve samenwerking van dertien publieke en private partijen bij bestrijding van transportcriminaliteit.

EVO heeft in 2009 samen met partijen uit de transportsector, verzekeraars, politie en het Openbaar Ministerie het tweede Convenant Aanpak Criminaliteit Transportsector ondertekend. Hierin is afgesproken dat de partijen belangrijke informatie over ladingdiefstal direct aan elkaar doorgeven. Deze aanpak werpt zijn vruchten af.

Aanhouding

Ook het Bovenregionaal Projectteam Ladingdiefstallen, het bijbehorende Snel Interventieteam en de landelijk Officier van justitie transportcriminaliteit zijn ingezet. Zij zorgden, in samenwerking met het KLPD, voor tientallen aanhoudingen van verdachten.

In 2011 werd in Nederland 1085 keer aangifte gedaan. Het ging 768 keer om diefstal van lading, 250 keer om diefstal van een voertuig en 67 keer om een combinatie van beide. Vooral geluid- en beeldapparatuur werd gestolen. Verreweg de meeste ladingdiefstallen vonden plaats in de provincies Brabant en Limburg. Koplopers zijn de plaatsen Venlo, Roermond en Eindhoven.

Zeil snijden

Criminelen snijden vaak het zeil van een vrachtauto door om te zien of er waardevolle spullen in zitten. Van de 768 aangiften van ladingdiefstal bleef het in 292 gevallen bij een kapotgesneden zeil. In de overige gevallen werd daadwerkelijk lading gestolen. Daarom adviseert EVO vrachtautochauffeurs om op beveiligde en gecertificeerde parkeerplaatsen te overnachten.