13-11-2014  Bedrijven in Nederland vinden ‘K’ Line de best presterende rederij van 2014. Dit blijkt uit onderzoek onder de leden van EVO en exportvereniging Fenedex. De Japanse rederij wint daarom de ‘EVO Container Liner Shipping Award 2014’.

Erkenning

De Europese CEO van ‘K’ Line, Daisuke Arai, nam de prijs vanmiddag in het Scheepvaartmuseum in ontvangst uit handen van EVO-voorzitter Chris Bruggink en de voorzitter van de EVO-Raad voor Zeeverladers, Martin Commandeur. ‘K’ Line noemt de prijs ‘een prachtige erkenning’, maar blijft nuchter: ‘Zonnekoningengedrag is hier uit den boze. We zijn bescheiden en ‘down to earth’, geheel in de geest van de Japanse cultuur.’

Onderzoek

De Erasmus Universiteit Rotterdam onderzoekt elk jaar in opdracht van EVO hoe servicegericht rederijen zijn richting hun klant, de verlader. Bedrijven beoordeelden de afgelopen maanden daarom alle rederijen op punten als betrouwbaarheid, communicatie, punctualiteit, prijs, en vaarroutes.

Goed contact

Van alle rederijen scoorde de Japanse rederij het hoogst op de punten die voor bedrijven het zwaarst wegen, te weten betrouwbaarheid, correctheid van documentatie, beschikbare laadruimte, klantenservice en communicatie. Veel bedrijven zeiden dat ‘K’ Line goed contact met hen onderhoudt. De rederij weet daarom goed wat haar klanten willen en wat de dienstverlening mag kosten.

Geografische dekking

Uit het onderzoek blijkt verder dat bedrijven tevreden zijn over de geografische dekking van rederijen; een belangrijk onderdeel voor de keuze van een bedrijf voor een rederij. Steeds meer bedrijven exporteren immers goederen naar verschillende delen van de wereld.

Transparanter

Ook blijkt dat het aantal toeslagen de afgelopen jaren is verminderd en prijsbepalingen transparanter werden. ‘Een belangrijke stap in de goede richting’, aldus EVO-voorzitter Bruggink. Elektronische verbindingen tussen verladers en vervoerders en het naleven van afspraken laten echter nog te vaak te wensen over. Bruggink: ‘Vertrouwen moet het fundament in de relatie tussen verladers en vervoerders zijn. Volgend jaar staat dit punt dan ook centraal in alle vergaderingen van de EVO-Raad voor Zeeverladers en de gesprekken die volgen om de scores toe te lichten.’