19-05-2016  Er moet een duidelijke, breed gedragen, Europese meetmethode komen om de uitstoot van bestelauto’s te meten. Dit stelt EVO nadat verschillende media vandaag melden dat bestelauto’s ‘veel viezer zijn dan gedacht’.

Diverse media berichtten vandaag over de ‘viezere’ bestelauto nadat onderzoeksbureau TNO een rapport uitbracht waarin de uitstoot van bestelauto’s werd vergeleken. De uitstoot van stikstofoxiden (NOx) zou volgens TNO gemiddeld zes keer hoger liggen dan de limiet voorschrijft.

Omstandigheden

Het opvallendste punt is het verschil in uitstoot van de bestelauto’s die zijn gekoppeld aan het type goedkeuring (lees: de toelating tot de weg). Het type goedkeuring wordt namelijk bepaald op een rollenbank in een laboratorium, waar de uitstoot wordt gemeten. TNO meet de uitstoot anders: over een traject van 600 kilometer onder wisselende omstandigheden.

Meetmethode

EVO stelt dat de verschillende resultaten het voor ondernemers niet makkelijk maken om een afgewogen keuze te maken voor de aanschaf van een nieuwe bestelauto. Ruim 95 procent van de 820.000 bestelauto’s die in Nederland rijden, is van ondernemers: bakkers en bloemisten die hun handelswaar ermee tot aan de deur brengen of aannemers en hoveniers die de bestelauto nodig hebben als rijdende gereedschapskist voor het werk bij consumenten en bedrijven. EVO pleit daarom voor een heldere meetmethode waarin overheden, producenten, milieugroeperingen en ondernemers zich kunnen vinden.