25-04-2013  Bewoners en bezoekers van de binnenstad van Meppel ondervinden weinig hinder van bevoorradend verkeer. Dit blijkt uit onderzoek dat is uitgevoerd door studenten van de Hogeschool Windesheim in Zwolle.

Signalen

Aanleiding voor het onderzoek waren signalen van ondernemers en andere betrokkenen dat er te veel voertuigen in het voetgangersgebied rijden. EVO, TLN en de Meppeler Handelsvereniging (MHV) hebben hun medewerking aan het onderzoek verleend en de studenten begeleid.

Bevoorradingssituatie

De studenten hebben aan een aantal bewoners, bezoekers en binnenstadsondernemers gevraagd in hoeverre zij overlast ondervinden van bevoorradend verkeer in de binnenstad. Ook enkele leveranciers en vervoerders die veel goederen in de binnenstad leveren, hebben hun mening gegeven over de bevoorradingssituatie.

Nauwelijks klachten

Uit het onderzoek blijkt dat bewoners en bezoekers weinig hinder ervaren van bevoorradend verkeer. Zo zegt 88 procent van de bezoekers geen of weinig hinder te ervaren van het laden of lossen van voertuigen in het voetgangersgebied. De binnenstadsondernemers horen ook nauwelijks klachten op dat gebied.

Venstertijden

Een voordeel van Meppel is dat veel winkels hun goederen kunnen ontvangen aan de achterzijde van hun vestiging. Wel zeggen leveranciers en vervoerders dat zij door de openingstijden van detailhandel en horeca problemen ondervinden met de venstertijden. Voor horeca gelden daarnaast voor levensmiddelen vaak strenge eisen op het gebied van de temperatuur en controle van de goederen door de afnemer.

Detailniveau

Gemeente Meppel, EVO, TLN en de MHV hebben op basis van het onderzoek afgesproken op detailniveau te bekijken waar de bevoorradingssituatie kan worden verbeterd. Hierbij valt te denken aan het parkeren aan één zijde van de straat tijdens de venstertijden. Ook verbeteringen van routering en laad- en losvoorzieningen zijn denkbaar.

Suggesties welkom

Suggesties van leveranciers en vervoerders voor dergelijke verbeteringen zijn welkom. Zij kunnen daarvoor contact opnemen met EVO, Robert Schasfoort.