Coronavirus: Gewijzigde definitie exporteur start vijftien dagen na einde crisismaatregelen

In dit artikel zetten we de potentiële gevolgen met risico’s op een rij en geven we adviezen hoe met de risico’s om te gaan

25-03-2020  In juli 2018 vond een belangrijke wijziging plaats in de regelgeving van de Europese Unie (EU) ten aanzien van de definitie van exporteur. Dit is van belang bij het doen van uitvoeraangiften door declaranten. De basisregel is sindsdien dat je in de EU moet zijn gevestigd om op te kunnen treden als exporteur en je een partij moet zijn in de overeenkomst bij de uitvoer. Partijen bij de overeenkomst mogen echter ook een ander aanwijzen als exporteur, mits deze hiermee akkoord gaat. De invoeringstermijn van deze nieuwe definitie is in Nederland meerdere malen uitgesteld onder druk van ondernemersverenigingen Fenex en evofenedex.

Afgelopen week werd nieuw uitstel bekendgemaakt. Bedrijven mogen van de vertrouwde werkwijze bij uitvoeraangifte gebruik blijven maken tot vijftien dagen na het beëindigen van de kabinetsmaatregelen met betrekking tot het coronavirus. Dit omdat een aantal zaken ten aanzien van de gevolgen nog steeds onduidelijk zijn.

Wanneer doet het risico zich voor?

Het probleem speelt zich af wanneer goederen door de – buiten de EU gevestigde – koper buiten de EU worden gebracht, zoals bijvoorbeeld het geval is bij zendingen volgens de ICC Incoterms®-regel Ex Works (EXW). De verkoper hoeft de goederen op basis van de leveringsconditie EXW alleen in zijn loods verzendklaar te zetten. De uitvoerformaliteiten moeten dan worden verzorgd door de koper.

In Nederland kenden wij voorheen de indirecte vertegenwoordiging bij uitvoer via de logistiek dienstverlener. Met de nieuwe definitie is geen sprake meer van indirecte vertegenwoordiging, maar alleen van directe vertegenwoordiging. Een terminalhouder, cargadoor of vervoerder zal de verantwoordelijkheid voor directe vertegenwoordiging niet op zich willen nemen. Voor logistiek dienstverleners, niet zijnde de feitelijke verkoper van de goederen, is het ook onlogisch deze rol op zich te nemen omdat daarbij veel meer verantwoordelijkheden dan voorheen komen kijken. In principe mogen meerdere partijen als exporteur worden aangewezen, maar in de praktijk zal het moeilijk blijken hier iemand voor te vinden.

Waarin uit het risico zich?

Er bestaat onduidelijkheid over welke aansprakelijkheden aan de directe vertegenwoordiging kleven. Vooral vanuit andere soorten wetgeving, zoals voor btw en dual-use. Interpretatie van de bijzondere wetgeving is heel complex, omdat het begrippenkader op meerdere manieren kan worden geïnterpreteerd en uitgelegd. Niet alleen wordt de term ‘exporteur’ steeds anders gedefinieerd, ook is er wetgeving waarin verplichtingen gelden voor de uitvoer van producten (zoals in food- en feedregelgeving). De praktijk moet uitwijzen hoe deze wetgeving zich verhoudt tot de nieuwe definitie van ‘exporteur’. Want volgens de oude definitie moest een exporteur het contract hebben met de geadresseerde in het derde land en/of de beschikkingsmacht hebben om te beslissen dat de goederen naar een bestemming buiten het douanegebied van de EU zullen worden gebracht. Hierdoor was de aansprakelijkheid als exporteur in deze bijzondere wetgeving logischer dan voor logistiek dienstverleners het geval zal zijn.

Advies – Treed niet op als exporteur

Indien (commercieel) mogelijk raden Fenex en evofenedex aan alleen zendingen aan te nemen waarbij de uitvoerverplichtingen bij de verkoper liggen (dus om de leveringsconditie EXW zoveel mogelijk te vermijden). De ICC Incoterms®-regel Free Carrier (FCA) zou een goed alternatief kunnen zijn. De problematiek doet zich dan niet voor en de situatie is duidelijk. De verkoper moet dan immers voor de uitvoer zorgdragen. Ook zou kunnen worden overwogen een vertegenwoordiger in de EU aan te stellen (bijvoorbeeld via een dochter) om op te treden als exporteur.

Advies – Toch optreden als exporteur?

Voor zover er om commerciële redenen toch gekozen wordt voor een situatie waarbij de uitvoerverplichtingen bij de koper liggen (zoals de leveringsconditie EXW) die zich buiten de EU bevindt en de goederen buiten de EU brengt, raden Fenex en evofenedex aan de financiële risico’s zoveel mogelijk te beperken. Denk hierbij aan boetebedragen en, voor zover het te bewijzen valt, winstderving vanwege het risico op verlies van de status van Authorised Economic Operator (AEO). Vergeet ook niet de kans op negatieve publiciteit en zelfs bedrijfsstillegging.

Het beperken van de financiële risico’s kan door middel van een vrijwaring. De koper verklaart dan dat hij de financiële risico’s zal vergoeden. De rechter kan echter oordelen dat het in een bepaalde situatie in strijd is met het recht om de financiële gevolgen van een strafrechtelijke boete af te wentelen op een andere partij. Een vrijwaring zorgt er dus niet voor dat overheidsinstanties zich direct tot de koper wenden. Degene die als exporteur optreedt, blijft jegens overheidsinstanties aansprakelijk, en aan hem kunnen ook strafrechtelijke sancties, zoals boetes, worden opgelegd. Deze sancties kunnen invloed hebben op de AEO-status van de partij die als exporteur optreedt.

Overeenkomst

Fenex en evofenedex stellen een overeenkomst beschikbaar om een partij als exporteur te machtigen en die de financiële risico’s beperkt van die exporteur. Leden van Fenex en evofenedex kunnen deze binnenkort aanvragen bij hun vereniging. De overeenkomst komt in het Nederlands en Engels beschikbaar.

Oude situatie

De logistiek dienstverlener maakt de uitvoeraangifte voor zijn opdrachtgever die buiten de EU is gevestigd, en vermeldt die partij in vak 2.

Nieuwe situatie

De logistiek dienstverlener maakt de uitvoeraangifte voor zijn opdrachtgever die buiten de EU is gevestigd. In vak 2 moet nu de partij worden opgenomen die exporteur is of als zodanig wordt aangewezen en met die aanwijzing akkoord gaat.

Rogier evofenedex
Contact

Vragen over corona?

Rogier helpt je graag verder