De waarde en hoeveelheid van een douanevergunning

De waarde en hoeveelheid van de goederen die je wilt plaatsen onder de douaneregeling, geef je ook aan bij de aanvraag.

26-06-2019  Als je gebruik wilt maken van de regeling actieve veredeling, bijzondere bestemming, tijdelijke invoer, passieve veredeling en douane-entrepot, heb je een douanevergunning nodig. In de aanvraag hiervoor geef je de betreffende goederen met de bijbehorende waarde en hoeveelheid per maand aan. Elke maand blijf je binnen de opgegeven waarde en hoeveelheid van de vergunning. Toch ontvang je van de Douane een navorderingsaanslag, omdat je de waarde en hoeveelheid van de vergunning hebt overschreden. De waarde en hoeveelheid heeft namelijk niet betrekking op een maand, maar op de gehele vergunningsduur van drie jaar. Maar is dit terecht?

Aanvragen vergunning

Voordat je gebruik kunt maken van een douaneregeling, zal je hiervoor een vergunning moeten aanvragen. In het aanvraagformulier geef je onder andere aan welke goederen je onder de regeling wilt gaan plaatsen. Dit doe je aan de hand van de Gecombineerde Nomenclatuur-code (GN) en omschrijving. Het is belangrijk dat je deze gegevens juist invult. Alleen de goederen die zijn afgegeven in de vergunning – aangegeven met de GN-code – mag je plaatsen onder de regeling.

Als je te maken hebt met goederen waarvan de GN-code regelmatig wijzigt, kun je wellicht afspraken maken met de Douane om bijvoorbeeld de Geharmoniseerd Systeem-post (GS) - in het Engels Harmonized System (HS) geheten - van de goederen aan te geven in plaats van de GN-code. De GS-post wijzigt namelijk minder snel dan de GN-code. Ook kun je meerdere GN-codes opgeven bij de aanvraag. Zo verklein je de kans dat je door een wijziging van de GN-code jouw goederen niet meer kunt plaatsen onder de douaneregeling.

De waarde en de hoeveelheid van de goederen die je wilt plaatsen onder de douaneregeling, geef je ook aan bij de aanvraag. In de toelichting bij de aanvraagformulieren (bijvoorbeeld van actieve veredeling en bijzondere bestemming) stond voorheen bij de onder de regeling te plaatsen goederen het volgende:

“Vermeld de geraamde hoeveelheid en waarde onder de douaneregeling te plaatsen goederen”

Uit deze formulering blijkt dat de opgave van de waarde en hoeveelheid een schatting mag zijn. In de huidige aanvraagformulieren staat echter:

“Let op! De gegevens die u invult bij ‘waarde’ en ‘hoeveelheid’, zijn het maximum voor de goederen die u onder deze vergunning plaatst”

In plaats van dat de waarde en hoeveelheid mag worden geschat, zal je gerichter de waarde en hoeveelheid moeten gaan aangeven bij de aanvraag van de vergunning.

Stelling van Nederlandse Douane

Als je de waarde of hoeveelheid van de vergunning overschrijdt, mag je geen goederen meer plaatsen onder de douaneregeling. Doe je dit wel, dan is dat een niet-nakoming van een verplichting die voortvloeit uit het hebben van een vergunning. Dit leidt tot het ontstaan van een douaneschuld. Het overschrijden van de toegestane hoeveelheid of waarde wordt door de Douane niet gezien als een verzuim zonder werkelijke gevolgen.

De Douane geeft veel vergunningen af. Deze worden echter niet allemaal op dezelfde manier afgegeven. Zo geeft de Douane vergunningen af met vermelding dat de afgegeven waarde en hoeveelheid per jaar geldt, per vergunningsduur en zelfs zonder vermelding van een periode.

Als de Douane niet heeft vermeld voor welke periode de afgegeven hoeveelheid en waarde geldt, neemt deze de stelling in dat de afgegeven waarde en hoeveelheid per vergunningsduur is. Hoewel je in de aanvraag hebt aangegeven dat de opgegeven waarde en hoeveelheid per jaar of per maand is, neemt de Douane dus deze stelling in.

Uitspraak Rechtbank Haarlem

Recent heeft de Rechtbank Haarlem uitspraak gedaan over deze kwestie (ECLI:NL:RBNHO:2018:10816). De Douane had een vergunning Behandeling Onder Douanetoezicht (BOD) afgegeven aan Belanghebbende. BOD kennen we niet meer onder het DWU. BOD valt onder het DWU onder de vergunning actieve veredeling. De uitspraak is hierdoor wel relevant voor de situaties die gelden onder het DWU.

Belanghebbende had bij de aanvraag van de vergunning geen hoeveelheid of waarde opgegeven. De Douane heeft dit per mail nagevraagd en vermeldde hierbij: “Dat dit slechts een ‘ruwe’ schatting is, is geen probleem”. Belanghebbende gaf vervolgens aan dat de 10.000.000 kilo een geschatte maandelijkse hoeveelheid is. De Douane heeft vervolgens de vergunning afgegeven voor 10.000.000 kilo, zonder vermelding dat dit per maand is. De vergunning is afgegeven voor drie jaar.

Later ontvangt Belanghebbende een Uitnodiging Tot Betaling (UTB) omdat volgens de Douane meer onder de regeling is geplaatst dan was opgenomen in de vergunning. Volgens de Douane was de afgegeven hoeveelheid namelijk per vergunningsduur van drie jaar, terwijl volgens Belanghebbende de afgegeven hoeveelheid per maand was.

Hoger beroep

De Rechtbank is het met de stelling van de Douane eens. Dit is opmerkelijk. Hoewel de Belanghebbende de hoeveelheid per maand heeft aangegeven, had deze moeten weten dat de hoeveelheid per vergunningsduur was. Tot dit oordeel komt de Rechtbank omdat in de vergunning niet ‘per maand’ stond opgenomen. Dat Belanghebbende de in de vergunning vermelde hoeveelheid heeft opgevat als een hoeveelheid per maand, moet voor zijn risico blijven.

Het beroep op het vertrouwensbeginsel slaagt helaas ook niet. Als je je wilt beroepen op dit beginsel, moet sprake zijn van een actieve gedraging door de douaneautoriteiten. Het nalaten van de Douane om in de vergunning op te nemen dat de hoeveelheid een maximum hoeveelheid is voor een periode van drie jaar, is volgens de Rechtbank géén actieve gedraging.

De uitspraak van Rechtbank Haarlem is de eerste uitspraak over deze problematiek. Het is ook ‘slechts’ een uitspraak van de Rechtbank. Ondertussen is tegen de uitspraak van de Rechtbank hoger beroep ingesteld. Momenteel heeft Customs Knowledge ook diverse procedures lopen bij de Douane en Rechtbank met dezelfde problematiek.

Vier oplossingen

De Douane zal met de uitspraak van de Rechtbank Haarlem in de hand nog strenger acteren op dit gebied. Wat kun je nu doen om de kans op een UTB te verkleinen?

  1. Controleer je vergunningen. Zijn de hoeveelheid en waarde afgegeven ook voor de duur zoals je hebt aangevraagd? Als dit niet het geval is, kun je een nieuwe vergunning aanvragen met een hogere hoeveelheid. Is het onduidelijk welke periode geldt, ga dan met de Douane in overleg.
  2. Geef een ruimere hoeveelheid aan bij de aanvraag. Als je de AEO-status hebt en de zekerheid wordt verlaagd naar EUR 0, dan kan dit een oplossing zijn. Let op: als de zekerheid niet wordt verlaagd naar EUR 0, zal je een overweging moeten maken of het verhogen van de hoeveelheid haalbaar is, omdat hierdoor ook het bedrag aan te stellen zekerheid hoger wordt. Het voordeel van het aangeven van een grotere hoeveelheid is dat je de kans verkleint dat je de hoeveelheid overschrijdt.
  3. Misschien wel de belangrijkste oplossing is het uitvoeren van interne controles. Periodiek monitoren of je binnen de afgegeven hoeveelheid en waarde blijft, is hier onderdeel van. Zo kun je tijdig constateren of je een nieuwe vergunning nodig hebt of een wijziging moet aanvragen. Ook kun je een audit door externe partijen laten uitvoeren.
  4. Heb je de volledige hoeveelheid van de vergunning benut en heb je niet op tijd een nieuwe vergunning? Dan kun je in bepaalde gevallen toch goederen plaatsen onder een douaneregeling. Dit is bijvoorbeeld mogelijk bij actieve veredeling. Je zal dan per douaneaangifte een eenmalige vergunning actieve veredeling op aangifte moeten aanvragen. Let op: deze mogelijkheid is uitgesloten voor landbouwgoederen zoals opgenomen in bijlage 71-02 van de Gedelegeerde Verordening DWU.

Conclusie

De Douane acteert strenger op de overschrijding van de hoeveelheid en waarde van de vergunning. Voor nieuwe aanvragen van vergunningen kun je wellicht beter een hoeveelheid en waarde opnemen die je verwacht níet te overschrijden. Door de vergunning te controleren en interne controles uit te voeren, kun je de kans op een UTB verlagen.

Dit artikel is geschreven door Bart Boersma, oprichter en directeur Customs Knowledge.


Opleiding Manager Customs and Trade Affairs (MCTA)

Tijdens de opleiding MCTA leer je hoe jij vanuit jouw inhoudelijke expertise op het gebied van douane en trade compliance kunt adviseren over de te volgen internationale handelsstrategie.

Onze ledenadviseur Alice
Contact

Vragen over internationaal ondernemen?

Alice en de andere ledenadviseurs helpen je graag verder