Maatschappelijk verantwoord ondernemen bij Zeeman

Leestijd: 5 minuten

Maatschappelijk verantwoord ondernemen: een handelsonderneming kan daar niet meer omheen. Bij textielketen Zeeman is dat volgens MVO-manager Arnoud van Vliet al doorgedrongen tot in de haarvaten van het bedrijf; gebouwveiligheid, arbeidsomstandigheden, vervoer, verpakkingen en materiaalgebruik worden steeds verder verduurzaamd. “En dat hoeft niet meer te kosten.”

Knalgele vrachtauto’s rijden af en aan bij het hoofdkantoor en distributiecentrum van Zeeman in Alphen aan den Rijn. “Ja, dagelijks vertrekken vanuit hier tientallen vrachtauto’s naar onze binnenlandse vestigingen en buitenlandse bestemmingen”, zegt Arnoud van Vliet, manager Corporate Social Responsibility & Quality, mooi Engels voor maatschappelijk verantwoord ondernemen (MVO) en kwaliteit. In 1967 door Jan Zeeman opgericht als winkel in textiel, heeft de keten anno 2020 bijna dertienhonderd filialen in Nederland, België, Luxemburg, Duitsland, Frankrijk, Oostenrijk en Spanje. Het concern telt bijna achtduizend medewerkers. “En de winkels heten overal Zeeman, en overal wordt hetzelfde assortiment verkocht”, typeert Van Vliet het oer-Hollandse karakter van het familiebedrijf.

“ Waar het kan, maken wij gebruik van de binnenvaart”

Tussenschakels

Van Vliet houdt zich al bijna tien jaar bezig met het beleid van de onderneming op het gebied van MVO. En dat hij daarin succesvol is, blijkt wel uit zijn verkiezing in 2019 tot ‘MVO-manager van het jaar’. “Goedkoop en duurzaam, daar draait het om bij Zeeman. Dat lijkt misschien een tegenstelling, maar dat is het niet. Als iets duur is, denken mensen vaak dat het ook duurzaam is. Maar dat hoeft niet zo te zijn. En andersom kan het ook: wij zijn goedkoop, maar tegelijkertijd duurzaam.” Hoe dat mogelijk is, legt Van Vliet uit aan de hand van een illustratie uit het Maatschappelijk jaarverslag 2019, met de grondslagen voor de lage prijzen bij Zeeman. “In tegenstelling tot veel andere partijen kopen wij direct in bij onze fabrikanten in het Verre Oosten, zonder tussenschakels. Veel retailers met een kleinere organisatie hebben niet de capaciteit om zelf rechtstreeks in Azië in te kopen. Dan zit er dus een handelaar tussen, en die moet daar ook aan verdienen.” 

Arnoud van Vliet
Arnoud van Vliet: “Een van de doelen voor eind 2021 is dat vijftig procent van onze artikelen duurzaam geproduceerd wordt.”


De fabrikanten voor Zeeman zitten in China, India, Pakistan, Bangladesh en Turkije. Speerpunten daar voor de MVO-afdeling zijn onder andere gebouwveiligheid en arbeidsomstandigheden in de fabrieken. “Elk jaar maken we een selectie van fabrikanten waar we een audit laten uitvoeren door een onafhankelijke partij. En als er iets niet in orde is, moeten wij vanzelfsprekend in actie komen.” Na de instorting van een textielfabriek in 2013 is het Bangladesh-akkoord tot stand gekomen, een overeenkomst tussen vele kledingproducenten die moet zorgen voor structurele verbeteringen op het gebied van veiligheid in de fabrieken in Bangladesh. Dat akkoord heeft er volgens Van Vliet voor gezorgd dat in Bangladesh gebouwveiligheid nu heel hoog scoort. “Sinds 2013 is daar een hele transitie ingezet. De plaatselijke inspectiediensten zijn nu zo streng dat de fabrieken helemaal state of the art zijn.”

Binnenvaart

Verder zorgt de textielketen ervoor dat er altijd weinig voorraad overblijft. “We richten ons op basisproducten met een eenvoudig ontwerp. Geen fast-fashion. Die snel wisselende collecties zijn na drie maanden al verouderd. Dan zit er veel meer druk op je supply chain. Wij zijn juist niet trendgericht; we zijn tijdloos. Dat betekent dus duurzaam, én goedkoop.”

Ook met de vervoerswijze kiest Zeeman volgens Van Vliet bewust voor duurzaam. “Waar het kan, maken wij gebruik van de binnenvaart. Vanuit Azië komen de containers per zeeschip aan in de Rotterdamse haven. Dan gaan ze per binnenvaartschip, onder andere over de Gouwe, naar Alphen aan den Rijn. In deze haven worden ze op een vrachtauto gezet; dat is maar één kilometertje rijden hiernaartoe. Hier aangekomen worden de producten verdeeld over kleine rolcontainers, en vervolgens gaan ze zo snel mogelijk per vrachtauto naar de winkels.” 

Geen lege containers

“En het mooie is”, vervolgt Van Vliet, “Als de zeecontainers bij ons geleegd zijn, gaan ze door naar de Heinekenfabriek hiernaast. Daar worden ze volgeladen, waarna ze per schip teruggaan naar Rotterdam om vandaaruit weer geëxporteerd te worden. Dus er worden geen lege containers vervoerd. Dit is aan alle kanten een win-winsituatie: voor het milieu, en voor onze portemonnee en die van Heineken.” Dit vervoer voor Zeeman en Heineken is onderdeel van de Green Deal Zuid-Holland, een samenwerking tussen bedrijven en overheden in de provincie. Met de Green Deal wordt invulling gegeven aan de klimaatdoelstellingen van de overheid voor verduurzaming van de zeevaart, binnenvaart en havens.

“ De klant wil ook graag even het stofje voelen”

Voor de distributie naar de vestigingen in Nederland en Europa beschikt Zeeman over een eigen wagenpark en zeventig eigen chauffeurs. Ook dat - het vervoer in eigen beheer houden - past volgens Van Vliet bij de zuinigheid van Zeeman. “En dan gaat het ook om zuinigheid op het personeel: onze chauffeurs hebben niet te kampen met onzekerheid over hun werk. Dat zou anders zijn bij partijen die het vervoer uitbesteden.” Iets anders waarin de zuinigheid van Zeeman tot uiting komt, zijn de verpakkingsmaterialen, zegt Van Vliet. “Wij gebruiken zo min mogelijk kartonnetjes en zakjes. Dat is niet alleen goedkoper, maar ook beter voor het milieu. Bovendien: de klant wil ook graag even het stofje voelen. Dat merk je ook in winkels waar wel alles verpakt wordt: hoe vaak zie je daar geen lege verpakkingen rondslingeren? Het ziet er natuurlijk strak en gelikt uit, die verpakkingen, maar dat weegt voor ons niet op tegen de nadelen.” 

zeeman
Zeeman gebruikt zo min mogelijk verpakkingen.

 

“Op dit moment zijn we ook bezig met de verduurzaming van materiaalgebruik”, vervolgt Van Vliet. “We zetten in op duurzaam katoen, gerecycled katoen, en gerecyclede kunststof producten, zoals viscose en nylon. Een van de doelen voor eind 2021 is dat vijftig procent van onze artikelen duurzaam geproduceerd wordt. Dat gaat vast en zeker lukken, want het geldt nu al voor 25 procent van ons textiel. En uiteindelijk gaan we natuurlijk voor de volle honderd procent.”

Eco-label

Hoe krijgt Zeeman dat allemaal voor elkaar, op zo’n afstand? “Het Better Cotton Initiative, waar wij lid van zijn, traint de katoenboeren in het Verre Oosten. Zo leren zij om bij het telen van hun katoen minder water en chemicaliën te gebruiken. En dat wordt binnenkort ook op onze labels vermeld. Als consument word je soms horendol van alle keurmerkjes en labeltjes met allerlei onduidelijke kwalificaties. Wij zijn daar altijd heel terughoudend mee geweest, maar nu hebben we echt iets waarover we heel graag willen gaan communiceren: het Eco-label. Artikelen met dit label bestaan uit ten minste vijftig procent duurzaam materiaal. Zo kan de consument ook bewust een verantwoorde keuze maken.”

naaiatelier
Elk jaar laat Zeeman audits uitvoeren in de fabrieken in het Verre Oosten. Daarbij gaat het onder andere om gebouwveiligheid en arbeidsomstandigheden. (Foto Zeeman)


Ook wordt er gelet op hergebruik van restafval uit productie. “Bijvoorbeeld stukjes stof uit snijverlies, de hoekjes die over zijn nadat je het patroon hebt uitgeknipt. Die kun je niet meer voor een bloesje gebruiken, maar nog wel voor sokken of een joggingbroek.”

Kapstokjes

In 2015 hebben de Verenigde Naties zeventien mondiale SDG’s, sustainable develop-ment goals, geïntroduceerd: wereldwijde duurzame ontwikkelingsdoelen die de lidstaten met elkaar hebben afgesproken. “Elk bedrijf kan die als kapstokjes gebruiken om het eigen beleid aan op te hangen. In 2015 hadden wij al ons MVO-beleid en onze duurzaamheidsdoelstellingen; die hebben we toen gekoppeld aan de SDG’s. Dat is geen doel op zich, maar het communiceert wel heel makkelijk: iedereen weet waar je het over hebt als je bijvoorbeeld de doelstelling ‘geen armoede’ noemt. Dat is SDG nummer 1.”

Binnen alle MVO-doelstellingen is er ook ruimte voor ludieke initiatieven. Bijvoorbeeld onder het personeel. “Het vertrekpunt voor onze afdeling is: zorg voor intern draagvlak. Vorig jaar hebben we bijvoorbeeld een kledingruilbeurs georganiseerd. Alle werknemers moesten drie kledingstukken meenemen, om die te ruilen met andermans kleding. Er waren ook workshops en paneldiscussies met deskundigen. Doel van de dag was de medewerkers bewust te maken van hun eigen omgang met kleding. Immers, tachtig procent van wat er in je kledingkast hangt, draag je niet.”

Trouwjurk

Maar ook voor consumenten heeft Zeeman geregeld campagnes in petto, waarmee het alle lagen van de bevolking wil aanspreken. “Herinner je je de Zeemantrouwjurk voor 29 euro nog? Dat was echt een enorm succes.” En in 2019 had Zeeman de sneakeractie. De winkelketen ontwikkelde twee verschillende sportschoenen: een dure en een goedkope. Deze werden allebei op een eigen manier geproduceerd, verscheept en in de markt gezet. Voor de dure werd de aanpak overgenomen van bepaalde dure merken, en de basic sneaker werd op een gewone Zeemanmanier gemaakt. Beide campagnes lieten volgens Van Vliet zien dat ook luxe producten niet duur hoeven te zijn. Hij concludeert: “En als ze dan ook nog verantwoord geproduceerd kunnen worden, is dat echt iets om trots op te zijn.”

Duurzaamheidsscan

Onze gratis online Duurzaamheidsscan helpt jouw bedrijf duurzamer te worden. Je krijgt tijdens het invullen al direct duurzame tips en informatie om je duurzaamheidskennis te vergroten. Na het doorlopen van de scan, ontvang je een aanvullend rapport. De Duurzaamheidsscan duurt tussen de 4 en 20 minuten. Dit is afhankelijk van de keuzes die je als deelnemer maakt. Hier lees je meer over de achtergrond van de Duurzaamheidsscan.