Gemeente zet in op duurzaam wagenpark

Leestijd 8 minuten

22-04-2020  Een duurzamer gemeentelijk wagenpark realiseren, dat was de opdracht waar de wagenparkbeheerder van de gemeente Leidschendam-Voorburg in 2018 voor stond. Inmiddels wordt de derde bedrijfsauto van de afdeling Stadsbeheer omgebouwd van ‘fossiel’ naar ‘elektrisch’. Op weg naar het duurzaamste gemeentelijke wagenpark van Nederland?

EV Europe is gevestigd in Delft, aan de Teslaweg. En dat is heel toepasselijk, want het bedrijf bouwt de brandstofvoorziening in oldtimers om, bijvoorbeeld bij een Corvette die een Tesla-motor krijgt. Maar ook meer eigentijdse voertuigen die rijden op fossiele brandstoffen worden hier omgebouwd tot elektrische auto’s. Zoals voor de gemeente Leidschendam-Voorburg, die beschikt over 72 voertuigen. IJsbrand van Slooten, wagenparkbeheerder van de gemeente, wijst naar een pick-up met de opdruk ‘Leidschendam-Voorburg’. “Dit is ons paradepaardje: een Volkswagen T5 chassiscabine met kiepende laadbak. Dit is de derde in de reeks van vijf bedrijfsauto’s van dit model die we aan het ombouwen zijn. En mogelijk komt er dit jaar nog een aantal bij.“  

bestelauto_gemeente
IJsbrand van Slooten: “De omgebouwde Volkswagen T5 chassiscabine met kiepende laadbak is het paradepaardje van de gemeente.”

 

Flinke jongen

De wagenparkbeheerder kreeg in 2018 opdracht van het college van burgemeester en wethouders het wagenpark te verduurzamen. Op basis van het investeringsplan zou de oudste lichting Volkswagens T5 vervangen moeten worden, bij voorkeur door elektrische voertuigen. Daartoe heeft Van Slooten toen een Europese aanbesteding uitgezet. Er kwamen echter geen aanbiedingen op, dus de aanbesteding werd weer ingetrokken. “Dit model kon niet nieuw geleverd worden in elektrische uitvoering. De ruimte die het benodigde accupakket inneemt onder de laadbak, is bij andere eigenaren vaak nodig voor een ander type opbouw, bijvoorbeeld een kraan. In ons geval was dat niet aan de orde, maar daar heeft een fabrikant natuurlijk geen boodschap aan. Kijk maar eens wat een flinke jongen die accu is.”

"In een transitie als deze zijn wij koploper in Nederland"

Bij de beslissing hoe te gaan verduurzamen speelde ook een andere overweging mee: als de voertuigen technisch nog goed zijn, is het eigenlijk zonde om ze te vervangen door nieuwe. Van de andere kant: is het de moeite waard om te investeren in een afgeschreven voertuig? Van Slooten vervolgt: “Dat was het dilemma waar we voor stonden. Toen is, in nauwe samenwerking met de afdeling Duurzaamheid, besloten een proef te doen. We hebben één exemplaar laten ombouwen van benzine/ aardgasaandrijving naar elektrische aandrijving, en vervolgens uitgebreid getest of alles nog goed functioneerde. Die proef heeft de auto probleemloos doorstaan.” Besloten werd om ook de andere auto’s die vervangen moesten worden te gaan ombouwen naar elektrische aandrijving. Dat gebeurt altijd op het moment dat ze tien jaar oud zijn, en ze economisch zijn afgeschreven. “Zo zijn we nu bezig met het ombouwen van vijf van deze Volkswagens T5. Maar dan wel één voor één; we kunnen ze niet tegelijkertijd missen.” De aanpassing van de andere auto’s wordt verspreid over de komende jaren, want nog niet alle voertuigen zijn aan vervanging toe. Van Slooten houdt daarbij de ontwikkelingen in de markt in de gaten. “Als ze straks wel nieuw leverbaar zijn in elektrische uitvoering, is de kans groot dat we toch voor nieuwe auto’s kiezen.”

Ombouwen

Het proces van ombouwen gaat als volgt in zijn werk. Als eerste reviseert de eigen gemeentelijke werkplaats het voertuig grondig. Dan wordt de opgeknapte auto naar EV Europe vervoerd. Dit bedrijf demonteert de uitlaat, benzine- of aardgastank en de verbrandingsmotor (onder de motorkap), en bouwt de elektromotorin tegen de bestaande versnellingsbak aan. Ook de besturing, acculader, vacuümpomp en elektrische verwarming worden ingebouwd. Vervolgens wordt het accupakket aangebracht in een ruimte onder de opbouw (laadbak). Met deze operatie is een monteur netto ongeveer twee à drie weken per voertuig bezig, maar de doorlooptijd ervan is een paar maanden. Als de auto klaar is, wordt hij gekeurd door de RDW, waarna het kenteken wordt aangepast van ‘aardgas’ of ‘benzine’ naar ‘elektrisch’. Van Slooten: “Uiteindelijk gaat de afgedankte motor naar de werkplaats van de gemeente, zodat monteurs in opleiding ermee kunnen oefenen. Zo investeren we in de opleiding van de toekomstige generatie monteurs. En dragen we bij aan de circulaire economie.”

Accupakket
Het accupakket neemt behoorlijk veel ruimte in onder de laadbak.

 

In de stad

In het gebruik van de auto’s is er niet veel veranderd. Het dashboard en de volledige bediening zijn hetzelfde gebleven en de auto kan met zijn trekhaak nog steeds twee ton trekken, wat bij elektrische modellen vaak niet het geval is. Niet alleen Van Slooten, ook de gebruikers van de voertuigen zijn erg enthousiast over hun ‘nieuwe’ voertuig. Dat zijn de mannen van de plantsoenendienst. Edwin Groot, voorman buitendienst: “Hij rijdt heel soepel, maakt geen geluid en trilt niet meer. En we zijn heel goed begeleid in de omschakeling. We mochten zelfs bij EV Europe komen proefrijden in het eerste omgebouwde model.” De omgebouwde voertuigen zijn uitermate geschikt om in de stad te rijden, vertelt Van Slooten. “Vanzelfsprekend rijden ze voornamelijk korte stukjes binnen de gemeente. Dat is voor auto’s op fossiele brandstoffen niet efficiënt, die hebben tijd nodig om warm te draaien. Daar heeft een elektrisch voertuig geen last van. Ook doordat je niet hoeft te koppelen is het rijden in de stad een stuk eenvoudiger.”

“Hij rijdt heel soepel, maakt geen geluid en trilt niet meer”

 

Opladen

Voor het opladen van de voertuigen bestaat een vaste afspraak: de werknemers brengen iedere avond de auto’s terug naar het wijkonderkomen van de gemeente, en daar zijn altijd voldoende laadpunten beschikbaar. De voertuigen gaan dus niet mee naar huis, maar zijn de hele nacht aan zo’n laadpunt gekoppeld. Van Slooten: “Op die manier hoeft een chauffeur nooit tussendoor te laden. Sterker nog, met de kleine afstanden die hij rijdt in de stad zou hij er twee à drie dagen mee vooruit moeten kunnen. Een auto rijdt ook maar vijfduizend kilometer per jaar. En met dat nachtelijk opladen zitten we niemand in de weg.”

Laadstopcontact
Het laadstopcontact is achter de cabine gemonteerd.

30 procent goedkoper

Al met al levert deze transitie heel wat voordelen op. De hele ombouw is dertig procent goedkoper dan het aanschaffen van nieuwe voertuigen. Ook qua brandstof is de gemeente voordeliger uit; ze heeft een gunstig contract voor levering van groene elektriciteit afgesloten, en ten dele haalt ze groene stroom uit de eigen zonnepanelen op de daken van de wijkonderkomens. Daarnaast betaalt de gemeente geen houderschapsbelasting - oftewel motorrijtuigenbelasting - meer voor deze omgebouwde auto’s. Er is ook minder onderhoud nodig, en er wordt minder met schadelijke stoffen gewerkt, zoals motorolie. “Dus ook arbotechnisch gaan we erop vooruit. En misschien wel het belangrijkste voordeel: we blazen minder schadelijke uitstoot de stadslucht in. Dat is goed voor het milieu en de stad.”

De gemeente Leidschendam-Voorburg hoopt hiermee als goed voorbeeld te dienen voor andere gemeenten en ook het bedrijfsleven. “Er zijn natuurlijk heel veel bedrijven en gemeenten bezig met duurzaamheid, maar in een transitie als deze zijn wij koploper in Nederland. Ook voor de toekomst zitten we op de goede weg. De milieueisen in steden worden alleen maar zwaarder, dus het aanschaffen van dieselauto’s zou nu een risico zijn. En ook naar de inwoners van onze gemeente stralen wij hiermee uit: we willen een duurzame, zo niet de duurzaamste, Nederlandse gemeente zijn.”

Dit artikel is eerder verschenen in evofenedex magazine.

Ook duurzamer worden?

Voor alle bedrijven is het onvermijdelijk: het terugdringen van de CO2-uitstoot. Dat volgt uit de afspraken in het Klimaatakkoord van het kabinet. Deze maatregel begint met het vaststellen van de CO2-uitstoot van het wagenpark. Dankzij een bijdrage van de Topsector Logistiek kan evofenedex honderd van haar leden een gratis kennismaking aanbieden met het BigMile-programma. Dat levert snel inzicht op in de CO2-uitstoot van het bedrijf, maar ook besparing in kilometers en brandstofkosten. Meer informatie: www.evofenedex.nl/uitstoot

Onze adviseur Mark
Contact

Vragen over vervoer?

Mark en de andere ledenadviseurs helpen je graag verder