21-06-2012  Vandaag verscheen de INRIX Traffic Scorecard, een studie naar filevorming over de hele wereld. Er staat goed nieuws in: Nederland staat op nummer twee van de lijst van Europese landen met de meeste files in 2011. Alleen België moeten we voor laten gaan. ‘Zo het verkeer gaat, zo gaat de economie’, verklaren de onderzoekers. Oftewel, hoe meer files, hoe meer economische bedrijvigheid. Het is een teken aan de wand dat de files in Portugal (-49 procent), Ierland (-25 procent), Spanje (-25 procent) en Italië (-12 procent) sinds 2010 het meest zijn afgenomen; zij zijn de zwakke broeders in de eurozone. Helemaal gerust mogen we in Nederland niet zijn. Ook hier is een afname van files te zien, en wel met 7 procent. En financiële markten hoeven zich over Frankrijk niet al te veel zorgen te maken. Het aantal files daar nam toe met 1 procent.

‘There are three kinds of lies: lies, damned lies and statistics.’ Natuurlijk hebben de onderzoekers een punt. Stagnatie in het verkeer is, tot op zekere hoogte, een indicator van economische bedrijvigheid in een land. Maar ik sluit niet uit, to put it mildly, dat de verhouding tussen de vraag (het aantal auto’s en bewegingen) en het aanbod (het aantal wegen) ook een rol speelt. Zo bezien is de filedaling in Nederland niet alleen te verklaren door de economische teruggang, maar ook door de forse investeringen die de afgelopen jaren door overheden zijn gedaan in weginfrastructuur.

Bovendien, filevorming is niet alleen een indicator van economische bedrijvigheid. Het is ook een bepalende factor voor groeipotentie van een economie. Als je met die blik naar de INRIX-studie kijkt, wordt het goede nieuws al snel wat minder goed. Rotterdam en Utrecht staan op plek zes en negen van de drukste steden van Europa. En alle vier de grote steden staan in de top-25. Gemiddeld staan bijvoorbeeld gebruikers van de snelwegen rond Rotterdam nog altijd 66 uur per jaar in de file.

Nadere bestudering leert me - gelukkig (?) - dat de vandaag verschenen studie bevestigt wat de jaarlijkse Economische Wegwijzer van EVO en TLN (een top-20 van de duurste files in Nederland, in termen van economische schade voor het bedrijfsleven) ook steeds weer aantoont. Files kosten ons land veel tijd, en dus geld: alleen al ruim 400 miljoen euro aan directe vertragingsschade voor het bedrijfsleven op jaarbasis (2010).

Laten we hopen dat onze volksvertegenwoordigers en bestuurders zich niet in slaap laten sussen door het ‘goede’ nieuws van onze hoge positie op de Europese fileranglijst. Deze twijfelachtige eer zal geen bedrijf aanmoedigen om zijn activiteiten naar Nederland te verplaatsen of zijn goederen via Nederland te vervoeren. Integendeel.