17-04-2013  Het sociaal akkoord zet de Nederlandse wegvervoermarkt op slot. Dit stelt verladersorganisatie EVO in reactie op de afspraken die sociale partners vorige week met het kabinet maakten. In het akkoord staat dat een vergunning voor het vervoeren van goederen van derden verplicht wordt vanaf 0 kilogram. Nu is dit nog 500 kilogram. De vergunning kost 4.000 euro - een disproportionele lastenverzwaring van in totaal 24 miljoen euro. Dit is slecht voor het Nederlands bedrijfsleven, aldus EVO.

Doos tissues

De enorme lastenverzwaring komt keihard aan bij de expresmarkt, omdat koeriers voornamelijk goederen vervoeren van 500 kilogram of lichter. Met het verlagen van de vergunningsgrens is in Nederland zelfs voor het vervoeren van een doos tissues een vergunning nodig.

Kwaliteit

EVO stelt dat de vergunningseis zich niet richt op de kwaliteit van de dienstverlening. Weliswaar is een van de eisen het behalen van een diploma gericht op groot, internationaal goederenvervoer, maar dit diploma is voor veel koeriersdiensten, die regionaal werken, niet relevant.

Disproportioneel

Door het verlagen van de vergunningsgrens naar 0 kilogram wordt de toetredingsdrempel tot de vervoermarkt te hoog, meent EVO. Het opleidingstraject voor een vergunning beroepsgoederenvervoer kost namelijk 4000 euro. EVO schat de totale kosten van deze wetswijziging op 24 miljoen euro. Een rekening die uiteindelijk bij de opdrachtgevers van transport, verladers, terechtkomt.

Concurrentiepositie

EVO pleit al jaren voor het verhogen van de vergunningsgrens tot het Europees overeengekomen niveau van 3500 kilogram, omdat een efficiënte bedrijfsvoering voor verladers alleen mogelijk is in een open Europese markt. Doordat Nederland nu nog meer afwijkt van de Europese norm, ontbreekt voor Nederlandse handels- en productiebedrijven een gelijk speelveld met andere Europese landen. Dat betekent dat in Nederland gevestigde bedrijven zich uiteindelijk óf uit de markt prijzen, óf zich genoodzaakt zien hun logistieke operatie te verplaatsen.