Fenex en evofenedex blijven aandringen op uitstel implementatie regels definitie ‘exporteur’

Vooral onduidelijkheid over export strategische dual-use goederen naar landen buiten EU

11-03-2020  Na een succesvol lobbytraject zijn Fenex en evofenedex erin geslaagd de strikte toepassing van de nieuwe definitie van het begrip ‘exporteur’ uit te laten stellen tot 1 april 2020. Vanwege de aanhoudende onduidelijkheid blijven beide ondernemersverenigingen bij de Douane aandringen de implementatie van de regels verder uit te stellen. De Douane beslist daar waarschijnlijk deze week donderdag over.

Op 1 oktober 2019 heeft de Nederlandse Douane aangekondigd het exporteursbegrip per 1 december 2019 strikt te gaan toepassen. Op basis van de nieuwe definitie van het begrip ‘exporteur’ is het voor niet in de EU gevestigde partijen niet langer mogelijk door middel van een indirecte vertegenwoordiger als exporteur op te treden. De reden hiervoor is dat zo’n vertegenwoordiger geen partij is bij het contract op grond waarvan de goederen het douanegebied van de EU zullen verlaten. Als een verlader/exporteur het organiseren van het transport overlaat aan de koper buiten de EU - bijvoorbeeld een Russische partij - stuurt deze partij een (waarschijnlijk goedkope) vervoerder. De verlader/exporteur hoeft dan niets anders te doen dan de lading voor de deur af te leveren.

Voor de douanewetgeving moet in zo’n geval een partij als exporteur worden aangewezen. Als er iets fout gaat, kan de Douane de tot exporteur benoemde partij daarop aanspreken. Voor de douaneregels is dit geen groot issue omdat er bijvoorbeeld geen sprake is van uitvoerrechten. Dit ligt heel anders bij met name wetgeving op het gebied van strategische dual-use goederen, die naast civiele ook voor militaire doeleinden kunnen worden gebruikt.

Erg ingewikkeld

De Russische partij in dit voorbeeld zou theoretisch een in de EU gevestigde logistiek dienstverlener kunnen aanwijzen als vertegenwoordiger, maar die deinst hier waarschijnlijk voor terug omdat hij niet aansprakelijk gesteld wil worden als er iets fout gaat met de zending van de goederen. Dit zou ertoe kunnen leiden dat er geen vertegenwoordiger/exporteur kan worden gevonden. “Deze situatie wordt verergerd doordat de wetgeving op het gebied van dual-use goederen erg ingewikkeld is, legt douanespecialist Godfried Smit van evofenedex uit. “Hierdoor kunnen logistieke partijen zich maar moeilijk een beeld vormen van de risico’s. Als evofenedex hebben wij de Douane en het ministerie van Buitenlandse Zaken gevraagd de wetgeving in duidelijke handboeken uit te leggen. Aan ons verzoek is tot nu toe geen gevolg gegeven.”

Tijdelijk toegestaan

Hoewel de definitie van ‘exporteur’ opgenomen in artikel 1(19) van de Gedelegeerde Verordening bij het Douanewetboek van de Unie (GVo.DWU) al langer vereist dat de exporteur in de EU is gevestigd, hanteerden diverse lidstaten, waaronder Nederland, een beleid dat niet EU-bedrijven toestond als exporteur te fungeren, mits gebruik werd gemaakt van een indirecte vertegenwoordiger.

Deze praktijk werd tijdelijk toegestaan tijdens de implementatie van het EU Automated Export System. Dit overeenkomstig Annex A bij het Guidance document on the definition of exporter van de Europese Commissie. Deze heeft de opmerking over de overgangsperiode inmiddels uit de leidraad geschrapt. In sommige lidstaten werden niet-EU bedrijven al niet meer als exporteur in uitvoeraangiften geaccepteerd, met uiteenlopende praktijken tussen de lidstaten als gevolg.

Onze ledenadviseur Alice
Contact

Vragen over internationaal ondernemen?

Alice en de andere ledenadviseurs helpen je graag verder