02-04-2014  België gaat vanaf komende zomer ecocombi’s op maximaal tien trajecten toestaan in een proef. EVO is blij met het project, maar maakt zich zorgen over het aantal eisen dat wordt gesteld.

Bedrijven die deel willen nemen aan de proef kunnen tot 1 juni maximaal vijf voorkeurstrajecten indienen. De Vlaamse overheid kiest op basis van alle binnengekomen trajecten de definitieve routes.

Meerwaarde

EVO is tevreden dat België overgaat tot de proef met ecocombi’s. Deze configuraties hebben de afgelopen jaren in Nederland hun meerwaarde bewezen. EVO maakt zich echter zorgen over de hoeveelheid eisen die aan de proef gesteld worden. Naast de restricties aan routes, waar EVO begrip voor heeft, moeten bedrijven ook voldoen aan administratieve voorschriften en technische eisen.

Bedrijven moeten bijvoorbeeld de tachograafgegevens delen en wekelijks inzicht geven in de volledige ritadministratie. Daarnaast moeten de trajecten niet alleen met ecocombi’s gereden worden. Om het verschil tussen regulier transport inzichtelijk te maken, moet het traject ook twintig keer met regulier transport afgelegd worden.

Aanvraagproces

In België wordt momenteel een laatste hand gelegd aan de praktische uitwerking van de proef. Het gaat hierbij om de informatie inzake het aanvraagproces, de webportal en de informatie die van bedrijven nodig is. EVO verwacht dat in de loop van volgende week deze informatie naar buiten komt.

EVO onderzoekt de mogelijkheid om ontkoppelpunten als eindbestemming beschikbaar te stellen. Uit eerder onderzoek is gebleken dat veel bedrijven andere bestemmingen willen aanvragen wat de mogelijkheid tot deelname beperkt. Door ontkoppelpunten in te richten hoopt EVO trajecten te kunnen bundelen. Dit biedt voor bedrijven meer mogelijkheid om deel te nemen aan de proef.

Alle voorschriften en eisen die aan de Belgische proef worden gesteld, voor zover openbaar gemaakt, zijn in bijgaand document te lezen.