OTM en iSHARE zorgen voor gelijk speelveld

Leestijd 8 minuten

07-05-2020  De coronacrisis  versnelt de ontwikkeling richting een netwerkeconomie. Netwerken waarin bedrijven snel, eenvoudig, veilig en probleemloos een samenwerking kunnen starten en data kunnen delen, vergroten de slagkracht en flexibiliteit in crises zoals deze. Maar zo’n netwerk kan alleen functioneren met digitale standaarden. Het liefst open standaarden, zoals iSHARE en het OpenTripModel (OTM). Stefan Heeringa (evofenedex) in gesprek met Gerard van der Hoeven (iSHARE): “Open standaarden zorgen voor een gelijk speelveld.”

De coronacrisis heeft in ieder geval één ding duidelijk gemaakt: veel bedrijven weten niet goed hoe hun keten is georganiseerd. Pas toen ze werden geconfronteerd met stagnerende leveringen, kwamen ze tot de conclusie dat ze een leverancier uit bijvoorbeeld Wuhan of Lombardije hadden. “Een groot aantal bedrijven heeft zich de afgelopen jaren laten leiden door de ‘economies of scale’. Door een groot deel van de inkomende goederen te betrekken van één leverancier, konden ze flinke kortingen bedingen en hun kosten verlagen. De vraag is nu of dat een goede strategie is geweest”, stelt Stefan Heeringa, projectmanager bij ondernemersvereniging voor handel en logistiek evofenedex.

Heeringa krijgt bijval van Gerard van der Hoeven, directeur van Stichting iSHARE. “Een deel van het probleem is dat bedrijven niet over ketens heen kunnen kijken. Ze zien misschien hun klanten en leveranciers, maar kijken nog maar zeer beperkt naar de bredere keten daarvoor en daarachter.” Heeringa: “Een apparaat bestaat misschien uit honderd componenten van honderd leveranciers. Als één onderdeel van één component afkomstig is uit een gebied waar een volledige lockdown geldt, kan dat de hele supply chain stilleggen.”

Weerbaarder en veerkrachtiger

De huidige crisis werpt de vraag op hoe bedrijven hun ketens weerbaarder en veerkrachtiger kunnen maken. De algemene verwachting is dat grote verstoringen zoals door de huidige pandemie vaker zullen voorkomen. De beste manier om de impact van die verstoringen te beperken, is snel schakelen. Schakelen naar een andere leverancier bijvoorbeeld. Heeringa vertelt over een producent van desinfecterende handgel, die zelf onvoldoende capaciteit had om aan de grote vraag uit de markt te voldoen. “De producent heeft daarom contact gezocht met een bedrijf uit een totaal andere sector om flesjes met handgel af te vullen.”

Het voorbeeld staat niet op zichzelf. evofenedex ziet dat bestaande ketens steeds vaker plaatsmaken voor netwerken met wisselende spelers. Dat is een van de gevolgen van de platformeconomie. “Een platform als bol.com is in staat om duizenden leveranciers met duizenden klanten te verbinden. Een oma die poppetjes haakt op een zolderkamer, heeft opeens toegang tot een miljoenenpubliek. Iets dergelijks zien we ook in de logistiek met platformen als Transporeon en Stockspots. We bewegen richting een toekomst waarin iedereen met iedereen samenwerkt. Door de coronacrisis zal die ontwikkeling alleen maar worden versneld”, stelt Heeringa.

Snel en eenvoudig koppelen

Bedrijven die een weerbare en veerkrachtige keten - of nog beter: zo’n netwerk - willen realiseren, zullen moeten digitaliseren. Een netwerk impliceert dat bedrijven snel en eenvoudig met veel verschillende partners moeten kunnen koppelen en samenwerken. “Toen consumenten half maart aan het hamsteren sloegen, moesten supermarktketens op zoek naar extra transportcapaciteit voor bevoorrading van hun winkels. Ook Albert Heijn wilde snel schakelen door nieuwe transporteurs aan te haken. Dat kan alleen als alle partijen gedigitaliseerd zijn.”

Daarnaast is ketendigitalisering het middel om ketens beter te laten functioneren. Van der Hoeven ziet dat veel waarde zit opgesloten in voorraden, capaciteit en informatie die diep in silo’s ligt te verstoffen. Die waarde kunnen we ontsluiten door data te delen en toegang tot de informatie in die silo’s te verschaffen. “Wat echt efficiënter kan, is het delen van voorraadinformatie over bijvoorbeeld mondkapjes. Er ligt in Nederland en daarbuiten zo veel dubbele voorraad die de eigenaren niet direct nodig hebben, maar wel aanwezig is. Door deze voorraadinformatie met elkaar te delen, kunnen de betrokken partijen sneller en adequater inspringen op de vraag.”

Digitaliseren in drie fases

Ketendigitalisering is gemakkelijker gezegd dan gedaan. evofenedex onderscheidt drie fases in het traject dat leidt naar een volledig gedigitaliseerde keten.

  1. Intern digitaliseren. Om data met ketenpartners te kunnen delen, zullen bedrijven eerst data moeten verzamelen.
  2. Connectiviteit. Pas als bedrijven op gestructureerde manier data verzamelen en opslaan, kunnen ze ook data delen met ketenpartners. Dat vereist koppeling met ketenpartners.
  3. Ketendigitalisering. Als ketenpartners data met elkaar delen, is het tijd om slimme dingen met die data te doen door gebruik te maken van bijvoorbeeld artificiële intelligentie.

“Daarnaast onderscheiden we nog een vierde fase”, aldus Heeringa. “Dat is de fase van disruptie. Enerzijds zitten in deze fase de bedrijven die zelf met behulp van digitalisering nieuwe businessmodellen hebben bedacht. Denk hierbij aan producten verkopen via andere kanalen zoals e-commerce. Anderzijds belanden hierin bedrijven die niet aan de slag gaan met digitalisering. Die lopen de kans door nieuwe spelers of concurrenten van het toneel te verdwijnen, net zoals de videotheken zijn verdwenen door de opkomst van Netflix.”

Onder de naam Digiscan heeft evofenedex een aanpak ontwikkeld die bedrijven op weg helpt met digitalisering. De focus ligt in eerste instantie op interne digitalisering. “Daarvoor is meer nodig dan het implementeren van een paar IT-systemen. Wie slechte processen digitaliseert, heeft nog steeds slechte processen. Begin daarom bij het begin. Welke klantwaarde wil je realiseren? Welke strategie is daarvoor nodig? Hoe moeten processen eruitzien? Welke systemen zijn daarvoor nodig? Veel bedrijven onderschatten dat voor digitalisering een cultuurverandering nodig is. Het hele bedrijf moet mee.”

Digitale standaarden van levensbelang

In de tweede fase draait het voor een groot deel om digitale standaarden. Voorbeelden zijn het OpenTripModel (OTM) en iSHARE voor het delen van data. Van der Hoeven: “Een van de drempels bij ketendigitalisering is het juridische circus voordat ketenpartners daadwerkelijk data kunnen delen. iSHARE dekt identificatie, authenticatie en autorisatie af en zorgt voor eenduidige juridische afspraken voor alle deelnemers aan dit afsprakenstelsel. De tijd die nodig is voor het maken van afspraken, valt daarmee weg. Daardoor kunnen bedrijven veel sneller samenwerken met nieuwe klanten, leveranciers en andere partners.”

Standaarden zijn van levensbelang voor samenwerking in ketens, benadrukt Van der Hoeven. “Zoals vroeger GSM en ethernet de basis hebben gelegd voor de infrastructuur, zijn het vandaag de application programming interfaces (API’s) die de wereld doen draaien. Deze API’s zorgen voor eenvoudige samenwerking en beperkte integratiekosten. Maar veel API’s functioneren alleen onder de voorwaarde dat de identiteiten van de systemen over en weer vaststaan en betrouwbaar zijn. Met de inzet van iSHARE worden niet alleen de identiteiten uitgewisseld, maar ook de autorisaties van de betreffende API. Daarmee vormt iSHARE het fundament onder digitale samenwerking.”

Uniforme taal voor transport

Voor het snel, eenvoudig en probleemloos delen van data is niet alleen een afsprakenstelsel belangrijk, maar ook een uniforme taal. “Snel schakelen is alleen mogelijk als we dezelfde taal spreken. Als de ene partij spreekt over een vrachtwagen, moet ook voor de andere partij duidelijk zijn dat het om een vrachtwagen en niet om een truck of een trailer gaat. OTM zorgt voor die uniforme taal, die voorkomt dat we voor elke koppeling tussen twee ketenpartners eerst moeten uitzoeken hoe alle datavelden aan elkaar zijn gerelateerd”, verklaart Heeringa.

Het een kan niet zonder het andere. Zoals iSHARE een fundament legt onder digitale samenwerking, zijn standaarden zoals OTM cruciaal voor specifieke toepassingen zoals de uitwisseling van transportopdrachten en statusinformatie over zendingen. Voor andere toepassingen zijn weer andere standaarden nodig. Van der Hoeven: “Elke toepassing heeft z’n eigen data en datavelden, waardoor weer andere standaarden nodig zijn.”

Gelijk speelveld voor iedereen

evofenedex participeert in de Stichting Uniforme Transport Code (SUTC), die zich hardmaakt voor digitale standaarden, en is partner van iSHARE. Heeringa besluit: “Standaarden zorgen ervoor dat iedereen een gelijk speelveld heeft. Wij willen geen situatie zoals in de Verenigde Staten waarin een dominante partij als Amazon bepaalt met wie en op welke manier je moet samenwerken. Daarom is het belangrijk dat standaarden zoals OTM en iSHARE open standaarden zijn. Iedereen kan aanpassingen doen.”

Op 8 mei organiseren iSHARE en SUTC samen een webinar over data delen in de transportsector met hulp van open ICT-standaarden zoals iSHARE en OTM. Ga voor meer informatie en inschrijven naar de website van iSHARE .

Onze ledenadviseur Nanne
Contact

Vragen over supply chain management?

Nanne en de andere ledenadviseurs helpen je graag verder