13-04-2017  Rijkswaterstaat, Havenbedrijf Rotterdam en De Verkeersonderneming slaan samen met TLN, evofenedex, Bovag, Vaco, CMV en CMV-bergers de handen ineen om de hinder als gevolg van vrachtwagens met pech terug te dringen en de verkeersveiligheid te verbeteren.

Private pechhulpverlening

In 2016 vonden er in Nederland ongeveer 3500 pechverplaatsingen voor vrachtwagens plaats. In werkelijkheid ligt dit aantal veel hoger, omdat de private pechhulpverlening hierin niet is meegenomen. Ook komt het geregeld voor dat zowel een berger als een pechhulpverlener voor hetzelfde incident wordt ingeschakeld door respectievelijk de verkeerscentrale en het eigen bedrijf van de vrachtwagenchauffeur.

Om onnodige vertraging door vrachtwagens met pech te voorkomen en de pechhulpverlening efficiënter te laten verlopen, is een brede coalitie van overheid en bedrijfsleven vanaf 3 april gestart met een uniek project in de regio Rotterdam.

Veiligheid en doorstroming

In dit project "optimalisatie incident afhandeling bij vrachtwagens in de regio Rotterdam" neemt een pechhulpverlener bij een melding van een vrachtwagen met pech in de Rotterdamse regio direct contact op met de verkeerscentrale. De verkeerscentrale is daardoor eerder op de hoogte van een pechgeval. De wegverkeersleider bekijkt de situatie en zorgt voor de benodigde veiligheidsmaatregelen. Ook wordt voorkomen dat zowel een pechhulpverlener als een berger wordt ingezet.

Effecten verkeersdoorstroming

Aan de hand van de effecten op de verkeersdoorstroming bepaalt de verkeerscentrale of de reparatie ter plekke kan worden uitgevoerd of dat het noodzakelijk is om de gestrande vrachtwagen te laten bergen en de reparatie op een veilige locatie (meestal een truckservicebedrijf, of een tankstation of parkeerplaats) uit te voeren. Belangrijke criteria voor de afweging voor een reparatie ter plekke of berging betreffen de aanrijtijd en benodigde afhandelingstijd. Welke aanpak is effectiever en heeft het minste effect op de verkeersdoorstroming?