13-10-2014  Op 1 november 2014 loopt de overgangstermijn af uit het scheepsafvalstoffen-verdrag (CDNI). Daarmee eindigt het soepelere regime ten aanzien van de te hanteren losstandaard en inname voor bepaalde soorten lading.

Het CDNI is 1 november 2009 in werking getreden. Deze regelt de verzameling, afgifte en inname van scheepsbedrijfsafval en van lading. Met name dat laatste is ook relevant voor lading-ontvangende bedrijven. Het opleveren van het schip in de juiste reinheidstoestand (losstandaard) na lossen is namelijk de verantwoordelijkheid van degene die lost of daartoe opdracht geeft. Diegene zal ook de kosten daarvan moeten dragen.

Overgangstermijn

Het verdrag kent ten aanzien van de losstandaard en van de inname van ladingrestanten en waswater een overgangstermijn tot 1 november van dit jaar, die er in voorziet dat bij sommige droge lading bezemschoon mag worden opgeleverd indien de voorgeschreven standaard vacuüm-schoon is en dat het zogenoemde nalenzen van tankschepen alleen vereist is indien daartoe een nalens-systeem beschikbaar is. Voorts kan waswater dat ladingrestanten bevat gedurende de overgangstermijn in het oppervlaktewater worden gebracht in plaats van in een bedrijfsriolering.

Stoffenlijst

Voor het vaststellen van de juiste losstandaard en de innameverplichtingen zal steeds moeten worden gekeken naar de stoffenlijst die als bijlage onderdeel uitmaakt van het verdrag. Deze is onder meer  te raadplegen op www.sabni.nl