03-10-2016  Het is goed dat staatssecretaris Dijksma van Infrastructuur en Milieu de overschrijdingen op het Basisnet Spoor wil oplossen. Bedrijven namen al eerder maatregelen door samen met vervoerders andere routes voor het spoorvervoer van gevaarlijke stoffen te kiezen.

Het vervoer per spoor is een zeer veilige manier van transport waarvoor strenge internationale veiligheidsregels gelden. Het spoorvervoer is van groot economisch belang voor het Nederlandse bedrijfsleven. Het is daarom belangrijk dat bedrijven, spoorvervoerders, ProRail, overheden en omwonenden voortdurend met elkaar in overleg blijven over de mogelijkheden en onmogelijkheden van het vervoer van gevaarlijke stoffen.

Overschreden

Eerder dit jaar bleek dat de risicoplafonds van het Basisnet Spoor voor de Brabantroute en de Oost-Nederland route in 2015 zijn overschreden. De druk op de deze routes ontstaat onder meer doordat de Duitse spoorbeheerder geregeld  goederentreinen geen toestemming verleent om via de Betuweroute te rijden.

De staatssecretaris deelde vandaag in een brief aan de Tweede Kamer haar maatregelenpakket voor het Basisnet spoor. Samen met andere partijen, verenigd in de Commissie Transport Gevaarlijke Goederen (CTGG), is EVO het met Dijksma eens dat de overschrijdingen moeten worden opgelost.

Duitsland

De CTGG roept staatssecretaris Dijksma op om zo spoedig mogelijk met de Duitse spoorbeheerder afspraken te maken over de afwikkeling van het vervoer van gevaarlijke stoffen via de Betuweroute. Chemische industriële bedrijven nemen ook zelf hun verantwoordelijkheid en zijn in samenwerking met de spoorgoederenvervoerders en ProRail bezig met het zoeken naar andere routes. Chemiecluster Chemelot leidt bijvoorbeeld inmiddels een deel van haar treinen om via andere routes.