Regeerakkoord 2017

Impact op het arbeidsrecht

13-10-2017 VVD, CDA, D66 en de ChristenUnie hebben hun plannen voor de komende vier jaar gepresenteerd. In deze plannen zijn ook diverse arbeidsrechtelijke wijzigingen opgenomen die de komende jaren een rol zullen gaan spelen in de bedrijfsvoering. Hieronder een opsomming van de belangrijkste veranderingen.

De arbeidsovereenkomst

  • De ketenregeling wordt aangepast. Werknemers krijgen na drie jaar weer recht op een vast contract. Op dit moment zijn werkgevers verplicht om na 2 jaar een vast contract aan te bieden. De tussenperiode van 6 maanden blijft wel gehandhaafd, hetgeen betekent dat, om een keten van arbeidsovereenkomsten te doorbreken, een termijn van meer dan 6 maanden in acht moet worden genomen.
  • Werkgevers gaan een hogere WW-premie betalen voor werknemers met een tijdelijk contract. Op dit moment wordt de WW-premie nog gedifferentieerd vastgesteld per sector. Echter, de formatiepartijen hopen dat deze maatregel leidt tot vaker en sneller een vast contract voor werknemers.
  • Proeftijd vast contract gaat naar maximaal vijf maanden. Als een werkgever bij indiensttreding direct een vast contract aanbiedt, mag er een proeftijd worden bedongen van maximaal 5 maanden. Voor arbeidsovereenkomsten die meer dan twee jaar duren, zal de maximale proeftijd 3 maanden gaan bedragen.

Flexkrachten

  • Werknemers met een 0-urencontract zijn niet meer verplicht gehoor te geven aan een oproep. Het nieuwe kabinet wil hier mee voorkomen dat werknemers met een 0-urencontract altijd beschikbaar moeten zijn, terwijl dit voor de aard van de werkzaamheden niet direct nodig is.
  • Er komen nieuwe regels voor het werken met zzp-ers waarbij de wet Deregulering Beoordeling Arbeidsrelaties (DBA) gaat verdwijnen. Het nieuwe kabinet beoogt om zzp-ers en opdrachtgevers weer vooraf zekerheid te geven of er sprake is van een arbeidsovereenkomst en tegelijkertijd schijnzelfstandigheid tegen te gaan.

Verlofregelingen

  • De duur van het vaderschapsverlof wordt stapsgewijs verlengd naar ruim vijf weken. Vanaf 2019 zullen werknemers vijf dagen betaald kraamverlof kunnen opnemen als hun partner bevalt. Vanaf 1 juli 2020 wordt het vaderschapsverlof nog verder uitgebreid en zullen werknemers de mogelijkheid krijgen om vijf aanvullende weken verlof op te nemen tegen 70% van het dagloon (maximaal 70% van het maximumdagloon).

Arbeidsongeschiktheid

  • De instroom van een werknemer in de WGA zal nog slechts vijf jaar meetellen voor de premie. Op dit moment telt de instroom van een werknemer in de WGA tien jaar lang mee voor de hoogte van de premie.
  • Voor kleine werkgevers (tot 25 werknemers) duurt de loondoorbetalingslicht bij ziekte nog maar één jaar in plaats van de huidige twee jaar. Het tweede ziektejaar zal de zieke werknemer dan loon ontvangen van het UWV. De kleine werkgevers betalen hiervoor een uniforme lastendekkende premie. 

Transitievergoeding

  • De compensatie van de transitievergoeding bij ontslag na langdurige ziekte wordt doorgezet. De beoogde ingangsdatum van deze compensatieregeling zal 1 juli 2019 zijn. De compensatie zal betaald worden uit het Algemeen Werkloosheidsfonds (Awf).
  • Een werkgever zal de transitievergoeding eenvoudiger kunnen verlagen met scholingskosten. Werkgevers zullen in de toekomst gemaakte scholingskosten ten behoeve van een andere functie binnen de organisatie kunnen aftrekken. De regels rondom scholing in de eigen functie zullen niet veranderen.
  • Het recht op de transitievergoeding zal gaan gelden direct vanaf indiensttreding.
  • Werkgever zullen gemakkelijker aanspraak kunnen maken op de overbruggingsregeling. Op dit moment kunnen werkgevers met minder dan 25 werknemers die in een slechte financiële positie verkeren, aanspraak maken op een overbruggingsregeling maar hier gelden strenge voorwaarden voor (de dienstjaren voor 1 mei 2013 hoeven dan niet te worden meegeteld). In de toekomt zal er ook een compensatie voor de transitievergoeding komen in situaties waarin een werkgever zijn bedrijf beëindigt omdat hij met pensioen gaat of ziek wordt.

Participatiewet

  • De loonkostensubsidie wordt vervangen door de loonkostendispensatie. Werkgevers krijgen daardoor geen hogere loonkosten maar lopen mogelijk wel het lage-inkomensvoordeel (LIV) mis.
  • Een werknemer zal onder de banenafspraak blijven vallen, ook als hij meer gaat verdienen. Als een werknemer onder de doelgroep valt van de banenafspraak, krijgt zijn werkgever voor hem een premiekorting (tot 1 januari 2018) of een loonkostenvoordeel (vanaf 1 januari 2018). Werknemer die zich ontwikkelen en daardoor meer gaan verdienen dan het wettelijk minimumloon, vallen nu na 2 jaar uit de doelgroep waardoor het financiële voordeel voor de werkgever ook vervalt. Hiermee lijkt het juist niet te lonen als werkgevers inspanningen verrichten om een werknemer verder te helpen en zich te ontwikkelen. Dit financiële voordeel zal dus niet meer vervallen na verloop van 2 jaar.

Buitenlandse werknemers

  • Vanaf 2019 kunnen expats maximaal vijf jaar gebruikmaken van de 30%-regeling. De regeling zal dus worden beperkt want op dit moment kunnen expats 8 jaar gebruik maken van de 30%-regeling.
  • Een tewerkstellingsvergunning kan straks voor 3 jaar worden verleend in plaats van 1 jaar.
Onze bedrijfsjurist Peter
Contact

Advies nodig of vragen?

Peter en de andere bedrijfsjuristen helpen je graag verder