09-10-2013  Innovatie van de stadslogistiek is nodig om aan- en afvoer van een toenemende stroom goederen goed aan te kunnen. Met de invoering van milieuzones door gemeenten, met Utrecht als recent voorbeeld, gaat dat niet lukken. Dat schrijft de Raad voor de leefomgeving (Rli) in het advies ‘Nederlandse logistiek 2040: designed to last’ dat gisteren werd aangeboden aan minister Melanie Schultz van Haegen van Infrastructuur en Milieu.

Uniformiteit

De raad, die onafhankelijk advies geeft aan de minister, stelt dat gemeenten veel beter uniforme eisen kunnen stellen aan leefbaarheid, veiligheid en bereikbaarheid, om vervolgens de invulling daarvan via innovatieve aanbesteding over te laten aan de logistieke sector. Nu gelden nog vaak per gemeente verschillende regels ten aanzien van milieuzones, venstertijden en toegestane maten en gewichten van voertuigen in binnensteden.

Belemmerend

Al deze regels belemmeren volgens het Rli de innovatie in de stadslogistiek en lossen bovendien het leefbaarheidsprobleem in gemeenten onvoldoende op. Gezien de verwachte groei aan vervoersbewegingen in gemeenten als gevolg van de groei van e-commerce, retourlogistiek en service- en thuiszorglogistiek, is het volgens de adviseur van de minister tijd dat Rijk en provincies de regie nemen.

Grootste last

Ook EVO vindt dat de overheid kritisch naar beleid op het gebied van stedelijke distributie moet kijken. In de top-10 van overbodige regels en administratieve lasten die de organisatie vandaag aan minister Kamp van Economische Zaken overhandigt, staat het lappendeken van regels voor stedelijke distributie zelfs op de eerste plaats. Bevoorradingsregels frustreren te vaak de leefbaarheid, het milieu en een efficiënte stadslogistiek en leveren bedrijven een onacceptabele administratieve last op, aldus EVO.