Strakke procedures en veiligheidsprotocollen bij de Centrale Organisatie Voor Radioactief Afval

Geen geheimen over radioactief afval

29-04-2019  Het klinkt gevaarlijk, het vervoeren van radioactief afval en het vervolgens verwerken en opslaan, maar bij Covra in het Zeeuwse Nieuwdorp is het dagelijkse kost. Met behulp van goede protocollen en procedures worden risico’s zoveel mogelijk beperkt.

Met behulp van strakke protocollen en procedures wordt radioactief afval opgehaald en verwerkt bij de Centrale Organisatie Voor Radioactief Afval (Covra) in het Zeeuwse Nieuwdorp. Het is de enige organisatie in Nederland die bevoegd is om deze zogenoemde ADR-klasse-7-materie, radioactieve stoffen, te mogen vervoeren. Ruud Lauer, veiligheidsadviseur gevaarlijke stoffen van Covra, reist samen met zijn collega Eric van Leeuwen, stralingscontroleur en voorlichter, door het hele land om bedrijven te ontdoen van hun radioactief afval. Dat varieert van afval ophalen bij de kernreactor in Petten tot ziekenhuizen die radioactiviteit gebruiken voor bijvoorbeeld bestraling.

Covra haalt radioactief afval op bij onder meer ziekenhuizen en onderzoeksinstituten.
Covra haalt radioactief afval op bij onder meer ziekenhuizen en onderzoeksinstituten.

 

Eindstation

“Wij zijn het eindstation als het gaat om radioactief afval”, vertelt Lauer. “Wie in Nederland iets doet met radioactieve stoffen, moet in 99 procent van de gevallen een kernenergiewetvergunning hebben. Daarin staat dat het afval moet worden verwerkt door een erkende verwerker van radioactief afval. Covra is de enige instantie die die erkenning heeft, dus bedrijven en instellingen komen automatisch bij ons terecht.”

Er lijkt dus sprake van een monopolie als het gaat om radioactief afval. “Dat klopt, maar het is ook een bewuste keus geweest om op één plaats in Nederland een installatie neer te zetten en het afval op te slaan. Dat om te voorkomen dat er in het hele land radioactieve afvalbergjes zouden ontstaan.”

Aanmeldingsformulier

Om radioactief afval op te halen, is er een strak protocol opgesteld voor zowel de aanbieder als Covra. “Om van het radioactief afval af te komen, moet er een aanmeldingsformulier worden ingevuld. Daarop staan vragen over het materiaal dat het bedrijf kwijt wil, hoeveel het is, hoe het is verpakt en welk stralingsniveau er wordt gemeten”, legt Lauer uit. “Daarnaast willen we ook weten wat de chemische samenstelling is. Dat is heel belangrijk, omdat als er een andere chemische stof bij zit je ineens met een andere ADR-klasse te maken kunt krijgen, met alle gevolgen voor het vervoer van dien. Bij het verwerken kan  een chemische stof ook problemen veroorzaken, dus dat willen we van tevoren weten.”

Mocht een bedrijf inderdaad vervuild radioactief afval hebben, dan is er volgens Lauer altijd wel een oplossing te  vinden. “Bijvoorbeeld door het materiaal eerst te behandelen om zo stoffen te scheiden.” Dat bij het ophalen goed wordt gekeken of aan alle voorwaarden is voldaan, is essentieel volgens Lauer. “Dat is ook de reden waarom we met twee man op pad gaan. De chauffeur doet het logistieke gedeelte en de etikettering, de stralingscontroleur controleert het afval. Bij de overdracht worden wij eigenaar van het materiaal.”

Speciale verpakking

De speciale vaten voor het afval worden vooraf door Covra geleverd. Van Leeuwen: “Dat doen we omdat onze verpakkingen gemaakt zijn voor onze installaties. Op basis van de aanmelding kijken we welke en hoeveel vaten er nodig zijn.” Vervolgens geeft Covra de klant een dag en tijdstip door waarop het afval wordt opgehaald. De stralingscontroleur checkt of er in het vat daadwerkelijk zit wat is aangemeld. Daarnaast moet de barcode van het vat overeenkomen met die op de  vrachtpapieren. “Een vat dat aan de buitenkant is besmet, nemen we niet mee, want als we dan bij een volgende klant komen en de vaten moeten verzetten, kan er een besmetting van de vloer en laadklep ontstaan. De laadklep en de bodem van de vrachtauto moeten schoon zijn. Dat is al heel strikt in het  ADR geregeld, maar wij zijn ons daar extra goed van bewust.”

Als alles in orde is, wordt de vracht ingeladen en krijgt de klant een overdrachtsbewijs. “Vaten met de hoogste stralingswaarde zetten we in het midden, want we moeten rekening houden met stralingsnormen aan de buitenkant van de vrachtauto”, vertelt Lauer. “Dat is de taak van de chauffeur, die we hier trouwens logistiek medewerker noemen, want zij moeten veel meer doen dan alleen van A naar B rijden. Ze moeten in het bezit zijn van het diploma stralingshygiëne 5 en de veiligheid tijdens het transport bewaken. Controleurs zitten nog een aantal niveaus hoger wat diplomering betreft.”

Eric van Leeuwen: “Een vat dat aan de buitenkant is besmet, nemen we niet mee.”
Eric van Leeuwen: “Een vat dat aan de buitenkant is besmet, nemen we niet mee.”

 

Stralingscontroleur

De stralingscontroleur heeft ook als taak om onderweg door te geven wat er is geladen en waar ze zich bevinden. Die gegevens zijn volgens Lauer niet alleen belangrijk voor Covra, maar ook voor de hulpdiensten. “In de 28 jaar dat ik hier werk is er nooit een ongeval geweest, maar als er wel iets gebeurt, is het voor de hulpdiensten cruciaal om te weten wat er in de vrachtauto zit.” Als de vrachtauto aankomt bij Covra wordt hij de ontvangsthal ingereden. Lauer: “Dan begint het lossen. Dat gaat soms met een heftruck, maar ook nog heel vaak met de hand. De vaten worden in het gecontroleerde gebied geplaatst, waar de radioactieve stoffen worden verwerkt. Daar kan een verhoogde radioactiviteit zijn en die ruimte is dan ook strikt gescheiden van andere gebieden. Verpakkingen mogen alleen in het gecontroleerde gebied worden geopend.”

In de verwerkingsruimte lopen mensen wel in witte overalls, maar niet in dikke pakken. “Dat is ook niet nodig, maar een stralingsmeter dragen is wel verplicht. Die registreert hoeveel straling je oploopt”, vertelt Van Leeuwen. “Een dik pak is onhandig. Tijd en afstand zijn veel belangrijker om te voorkomen dat je straling oploopt. Net als het isolatiemateriaal tussen het afval en de persoon.” Hij wijst naar het oranje gebouw, waar het hoogradioactief afval ligt opgeslagen. “Dat gebouw heeft muren van 1,70 meter dik beton en vlechtijzer. Bij containers zijn de wanden gemaakt van staal. Die zijn geen 1,30 meter dik, maar dunner, dat zorgt voor net zoveel afscherming. Dat heeft te maken met het soortelijk gewicht. Hoe meer atomen bij elkaar, hoe meer de straling botst en hoe meer die energie dus afneemt.”

Die 1,70 meter dikte is volgens Van Leeuwen ook bedoeld tegen de ‘boze buitenwereld’. “Het gebouw is sterk genoeg om een inslag van een straaljager te weerstaan. Er gaat bij zo’n botsing wel wat beton af, maar de constructie blijft overeind. Het pand is aardbevings-, windhoos- en overstromingsbestendig.”

Ruud Lauer: “De chauffeur doet het logistieke gedeelte en de etikettering, de stralingscontroleur controleert het afval.”
Ruud Lauer: “De chauffeur doet het logistieke gedeelte en de etikettering, de stralingscontroleur controleert het afval.”

 

Slagroombak

Een paar keer per jaar moeten Lauer en Van Leeuwen of hun collega’s op pad voor een bijzondere vracht. “Dat zijn wel de krenten uit de pap”, zegt Lauer. “Zo hebben we wel eens een bloedzuiveringsinstallatie met hoog stralingsniveau vanaf de zesde verdieping uit een ziekenhuis moeten takelen. Soms hebben we ook materiaal dat moet worden begeleid door de politie vanwege wereldwijd geldende veiligheidsmaatregelen. Bij dat type radioactief materiaal is die begeleiding nodig. Het blijft bijzonder dat een snelweg helemaal wordt afgesloten en jij daar als enige mag rijden.”

Van Leeuwen en Lauer vinden hun werk absoluut niet gevaarlijk. Lauer: “Als ik moet uitleggen hoe gevaarlijk het is, gebruik ik altijd het voorbeeld van de slagroombak. Stel dat je een bak slagroom een week kunt gebruiken en je neemt er elke dag een likje uit, dan is er niets aan de hand, maar eet je die bak in één keer leeg, dan wordt je hartstikke ziek. Dat is met straling precies hetzelfde. Het draait om de hoeveelheid en tijdseenheid waarin je het binnenkrijgt.”.

Dag van de Gevaarlijke Stoffen

Covra is dit jaar de locatie voor de Dag van de Gevaarlijke Stoffen op 23 mei. Deelnemers krijgen een kijkje in de keuken van deze verwerker en opslagfaciliteit van radioactief afval.

Onze ledenadviseur Marjolein
Contact

Vragen over gevaarlijke stoffen?

Marjolein en de andere ledenadviseurs helpen je graag verder