26-05-2011  EVO, KVNR, ORAM, Deltalinqs en Fenex roepen de Tweede Kamer en minister Schultz van Haegen (Infrastructuur en Milieu) in een vandaag verzonden brief op zich internationaal in te spannen voor uitstel van een nieuwe norm voor zwavelreductie voor de zeescheepvaart.

Daarnaast vragen zij haar te werken aan realistische compenserende maatregelen die de invoering van de 0,1-procentnorm in de jaren na 2015 wel mogelijk maakt.

De oproep van de organisaties volgt op de regeling die de International Maritime Organization heeft vastgesteld om onder meer in het Noordzeegebied een zwavelarme zone voor zeeschepen in te voeren.

Door deze regeling moet het zwavelgehalte van de scheepsbrandstof per 1 januari 2015 verder worden gereduceerd tot 0,1 procent. Op dit moment geldt al een sterk verlaagde norm van 1 procent. De strenge norm geldt voor scheepvaart door het Kanaal, in de Noord- en Oostzee. De huidige norm voor de rest van de wereld is 4,5 procent; vanaf 2020 zal die norm 0,5 procent bedragen.  

Door de veel hogere prijs van laagzwavelige brandstof zal de kostprijs van het vervoer over zee fors stijgen, tot 32 procent. Hierdoor wordt het vervoer over de weg aantrekkelijker voor verladers, met als gevolg toenemende congestie op het vasteland met alle nadelige consequenties voor de luchtkwaliteit en verkeersveiligheid van dien.

De maatregel is ook direct in strijd met de onlangs gepresenteerde Europese doelstellingen om meer vervoer van de weg naar het water te verplaatsen.

Verder is uit onderzoek gebleken dat bij het raffinageproces van de zwavelarme gasolie de uitstoot van CO2 3 procent hoger ligt dan bij de andere brandstoffen.

Behalve een negatieve impact op het milieu, heeft de maatregel ook stevige nadelige effecten op de concurrentiepositie van de Noordwest-Europese rederijen, havens en verladers.

Daarom willen de organisaties dat de maatregel wordt uitgesteld, zodat er voldoende tijd is om werkbare compenserende maatregelen in te voeren.