23-11-2012  EVO-directeur Machiel van der Kuijl heeft de Fenex-achterban opgeroepen om samen met de verladers werk te maken van het gebrek aan transparantie en belemmeringen in de goederenstroom. Hij deed dat donderdag tijdens het tweejaarlijkse diner van Fenex, de brancheorganisatie van expediteurs en logistieke dienstverleners.

Ergernissen

Van der Kuijl vroeg aandacht voor een aantal ergernissen van verladers over de vervoersketen en dan specifiek voor de rol die expediteurs moeten spelen bij het wegnemen ervan. Hij baseert zich daarbij op EVO-onderzoek waaruit blijkt dat verladers ‘niet geheel tevreden zijn’ over een aantal zaken in de logistieke keten: het gebrek aan transparantie en innovatie en de belemmeringen die er nog altijd zijn in de goederenstroom. Hij riep de Fenex-achterban op hiervan, ook samen met verladers, werk te maken.

Transparantie

Volgens de EVO-directeur worden belangrijke stappen gezet als de transparantie wordt vergroot. Hij refereerde daarbij aan de fluctuerende brandstofprijzen. ‘Verladers zien dat brandstoftoeslagen wel omhoog gaan als de brandstofprijs stijgt, maar vervolgens nauwelijks dalen als de prijs van brandstof zakt’, aldus Van der Kuijl. Ook ligt er volgens Van der Kuijl een taak voor expediteurs om de geringe innovatie van de zijde van de Europese overheid te compenseren.

Dialoog

De dialoog tussen EVO en Fenex heeft ervoor gezorgd dat het toezicht door de overheid, bijvoorbeeld douanecontroles, meer op samenwerking met het bedrijfsleven is gericht. Volgens Van der Kuijl is dat belangrijk, omdat groei van de goederenstroom en de toenemende complexiteit van controletaken niet mag leiden tot vertraging in de vervoersketen.

Wensen

Van der Kuijl heeft ook wensen: ‘Investeringen in bijvoorbeeld de AEO-certificering kosten een bedrijf veel tijd en geld. Als verladers en expediteurs dat samen invullen, kunnen ze er samen voor zorgen dat controles door de overheid tot een minimum worden beperkt. Dat scheelt geld en tijd’, aldus de algemeen directeur van EVO.