21-07-2016  EVO heeft op 6 juni een alert geschreven over gevolgen van de groeiende online verkopen in ’Help, mijn webshop groeit’. Het komt vaak voor dat webshops hun klantenkring uitbreiden naar andere EU-lidstaten. Zij moeten dan wel een aantal btw spelregels in acht nemen.

Leveringen aan particulieren

Als een webshop een artikel levert aan een particulier binnen de EU, wordt óf de Nederlandse btw, óf de btw van de betreffende lidstaat in rekening gebracht. Dit is afhankelijk van het feit of het drempelbedrag voor afstandsverkopen al dan niet is overschreden. De EU-lidstaten hanteren doorgaans een drempelbedrag van 35.000 of 100.000 euro. In Frankrijk wordt bijvoorbeeld een drempelbedrag van 35.000 euro gehanteerd. Dit betekent dat over de eerste 35 mille omzet de Nederlandse btw in rekening wordt gebracht.

Zodra de grens van het drempelbedrag  wordt overschreden moet de Franse btw in rekening worden gebracht. Dat brengt met zich mee dat de webshop-ondernemer zich in Frankrijk voor de btw moet registeren en periodiek via de btw-aangifte de btw dient af te dragen. De ondernemer moet dus voor elk EU-lidstaat bepalen of het drempelbedrag al dan niet wordt overschreden.

Gevolgen overschrijding

Indien een bedrijf in jaar X het drempelbedrag voor een EU-lidstaat heeft overschreden, moet vanaf het moment van overschrijding én in jaar X+1 de buitenlandse btw in rekening worden gebracht.

Stel: in 2016 heeft een bedrijf het drempelbedrag van afstandsverkopen in Frankrijk overschreden. Dit betekent dat het bedrijf vanaf dat moment en in heel 2017 20 procent Franse btw in rekening moet brengen bij particulieren die in Frankrijk zijn gevestigd. Als het bedrijf in 2017 het drempelbedrag van 35.000 euro niet heeft overschreden, kan in 2018 wederom Nederlandse btw in rekening worden gebracht, tot het moment dat de drempel opnieuw wordt overschreden.

Leveringen aan ondernemers

Webshop kunnen ook goederen leveren aan ondernemingen die in andere EU-lidstaten gevestigd zijn. In dit geval worden andere spelregels gehanteerd; dan gaat het om een zogeheten intracommunautaire levering (hierna: ICL). Het bedrijf moet in dit geval het nultarief toepassen. De buitenlandse afnemer verricht in zijn eigen land een intracommunautaire verwerving (hierna: ICV). De buitenlandse afnemer moet over de omzet de btw aangeven in zijn eigen land.

Leveringsbewijzen

Het is belangrijk dat het bedrijf kan aantonen dat de goederen fysiek Nederland verlaten hebben. Dit kan het beste gedaan worden door middel van vrachtbrieven, betalingsbewijzen, kopiefacturen, pakbonnen. Indien het bedrijf gecontroleerd wordt door de Belastingdienst en niet (voldoende) kunt aantonen dat de goederen de Nederlandse bodem hebben verlaten, lopen zij het risico dat de btw wordt nageheven en een boete wordt opgelegd.

Btw-voordelen

Btw-plicht in het buitenland kent ook zijn voordelen. Indien een EU-lidstaat een lager btw-percentage hanteert, hoeft het bedrijf niet te wachten met registreren tot het drempelbedrag voor afstandsverkopen is overschreden, registratie is al mogelijk vanaf 1 euro omzet. In Luxemburg wordt bijvoorbeeld een btw-percentage van 17 procent gehanteerd. Dit betekent dus dat 3 procent minder btw afgedragen hoeft te worden. Dit kan een commercieel voordeel opleveren.

Alles over btw op 1 plek (BTW-PLAZA)