16-12-2017  De meeste politieke partijen vinden dat de Wet werk en zekerheid (Wwz) niet goed functioneert en dat verschillende zaken moeten worden aangepast. Het onderwerp kwam aan de orde tijdens de discussie over de begroting van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid.

Wijzigingen

Minister Asscher kondigde al begin dit jaar verscheidene wijzigingen aan, zoals een aanpassing in de ketenregeling ten aanzien van de tussenperiode, mogelijkheid om een lagere transitievergoeding te betalen bij bedrijfseconomisch ontslag en een compensatie voor werkgevers die na twee jaar ziekte een vergoeding moeten betalen aan een werknemer.

Maatregelen

Over wat er verder precies moet veranderen, lopen de meningen uiteen. In de gepresenteerde verkiezingsprogramma’s zijn maatregelen te vinden, waarvan de meeste te maken hebben met veranderingen ten aanzien van de ketenbepaling en lagere kosten voor ontslag bij ziekte.

Onduidelijk

Volgens vakbond FNV is de kritiek op de Wwz te gemakkelijk. De wijze waarop zekerheid voor werknemers kan worden gecreëerd is nog onduidelijk. Het aantal flexibele (arbeids)relaties neemt in de tussentijd nog steeds fors toe.

Geen voorbarige conclusies

Minister Asscher zegt geen voorbarige conclusies te willen trekken. De economie is nog aan het aantrekken en dat betekent volgens hem dat eerst de hoeveelheid tijdelijk werk nog toeneemt voordat werknemers doorstromen naar vaste contracten.

Payrolling

Ook heeft de minister gezegd dat hij voor de verkiezingen geen pogingen zal doen om de regels voor payrolling te veranderen. De Hoge Raad oordeelde onlangs dat payroll-werknemers gelijk zijn aan uitzendkrachten. Dit betekent dat payrollwerknemers maximaal 5,5 jaar in dienst kunnen blijven op basis van een tijdelijk contract terwijl ‘gewone’ werknemers slechts in totaal 2 jaar in tijdelijke dienst werkzaam kunnen zijn. Dit lijkt het doel van de Wwz te ondermijnen, maar desondanks volgen er voorlopig geen maatregelen.