10-08-2011  De DCMR Milieudienst Rijnmond gaat samen met het Duitse maritiem onderzoeksinstituut Hemholtz-Zentrum Geesthacht de effecten van de scheepvaart op de regionale luchtkwaliteit in kaart brengen. De havens van Rotterdam en Hamburg zijn de onderzoeksterreinen.

De kennis die dat oplevert, moet uiteindelijk leiden tot adviezen aan (regionale) overheden en bedrijven over de uitstoot van schepen. Zij kunnen dan maatregelen nemen die bijdragen aan schonere lucht in de regio’s.

Dit is goed nieuws, vindt EVO. Luchtkwaliteitsbeleid dat in Nederland van toepassing is op zeescheepvaart, komt uit Brussel. EU-lidstaten die dit beleid omzetten naar regionale wetgeving kijken echter niet altijd naar de effecten van dat beleid op betreffende regio’s.

EVO vindt het dan ook een goede zaak dat de milieudienst Rijmond er nu voor kiest hier wel specifiek naar te kijken. Hierdoor zal ook duidelijk worden wat de gevolgen zijn op de logistieke processen van het Nederlandse bedrijfsleven.

Zo heeft de Europese Commissie onlangs voorgesteld de richtlijn voor de uitstoot van zwavel door zeeschepen aan te scherpen. EVO is tegenstander van vervroegde invoering van de strengere zwaveleis van 0,1 procent voor zeeschepen op de Noordzee per 1 januari 2015. Dit kost het Nederlandse bedrijfsleven namelijk tot 32 procent meer aan brandstofkosten. Bovendien heeft het een nadelig effect op het klimaat, het vestigingsklimaat in havens en de bereikbaarheid en de verkeersveiligheid op het Europese wegennet.

Als uit het onderzoek van DCMR blijkt dat de zeescheepvaart minder bijdraagt aan het zwavelgehalte in de Randstedelijke lucht dan werd aangenomen, wordt de aanscherping van de zwavelrichtlijn wellicht nog eens opnieuw bekeken. 

 

Zeescheepvaart en luchtkwaliteit

Daarnaast is Europa ook bezig met het uitdenken van een nieuwe norm voor de uitstoot van NOx door zeeschepen. De gegevens die het onderzoek van DCMR oplevert, kunnen hierin worden meegenomen.

EVO zet zich in voor verbetering van efficiency in het goederenvervoer om milieuproblemen te beperken. Zo bepleit EVO onder meer gebruik van de Clean Shipping Index door Nederlandse ondernemingen. Deze index rangschikt voor verladers beschikbare schepen op milieuprestaties.