20-11-2014  Door werkzaamheden aan het zogeheten derde spoor in Duitsland kunnen er de komende jaren minder treinen over de Betuweroute rijden. Verladers zijn bang dat het kabinet onvoldoende maatregelen neemt om het spoorgoederenvervoer op gang te houden.

Hoewel staatssecretaris Wilma Mansveld (Infrastructuur) onlangs het advies van de zogenoemde Stuurgroep derde spoor overnam, maken verladers zich nog steeds zorgen. Dit zegt EVO-directeur Machiel van der Kuijl in EVO magazine, het ledenblad van verladersorganisatie.

Onduidelijkheid

Hoewel het openstellen van alternatieve routes voor transport goed nieuws is voor verladers, is er nog onduidelijkheid over de toekomstige situatie, aldus Van der Kuijl. ‘Zeker voor de chemische bedrijven in Nederland, die voor hun vervoer veelal afhankelijk zijn van het spoor.’

Van der Kuijl wijst erop dat Van Mansveld voornemens is om gevaarlijke stoffen zoveel mogelijk te laten verlopen via de Betuweroute. Maar het is nog niet duidelijk wat er gebeurt als dat toch niet via die route kan. ‘Wat wij willen, is dat staatssecretaris Mansveld vooraf bepaalt dat als er straks een gebrek aan capaciteit is, prioriteit wordt gegeven aan het transport van gevaarlijke stoffen’, aldus de EVO-directeur.

Lees in het artikel Minder treinen over Betuweroute welke zorgen EVO hierover nog meer heeft.