13-10-2014  De samenwerking van de rederijen Maersk en MSC, die sinds vorige week een stap dichterbij is gekomen, is niet goed voor bedrijven. Dit stellen verladersorganisatie EVO en haar Europese moederorganisatie de European Shippers’ Council (ESC).

De Amerikaanse maritiem toezichthouder gaf Maersk Line en MSC vorige week toestemming om de zogeheten 2M-alliantie te vormen. Deze alliantie kan op sommige verbindingen in Azië en Europa een marktaandeel van zo’n 35 procent verkrijgen.

Keuzevrijheid

Volgens EVO en ESC moet de keuzevrijheid van verladers voorop blijven staan. Individuele rederijen moeten zich volgens de verladers blijven onderscheiden op prijs, service en vaarroutes. EVO heeft deze zorgen ook samen met de ESC bij de Amerikaanse maritiem toezichthouder kenbaar gemaakt.

P3

De drie grootste containerlijnvaartrederijen ter wereld, Maersk Line, MSC en CMA CGM, maakten eerder dit jaar bekend hun voorgenomen samenwerking, destijds P3 genoemd, niet door te zetten. De rederijen namen dit besluit omdat China geen toestemming voor de samenwerking gaf. Verladersorganisatie EVO stelde destijds al dat de rederijen de Chinese autoriteiten er blijkbaar niet van konden overtuigen dat de gevolgen van de samenwerking positief zouden uitpakken voor de markt.