Cheque

Een cheque is een onvoorwaardelijke opdracht aan een bank tot betaling van een bepaalde geldsom aan een bepaald persoon of aan diens order.

Het chequeverkeer heeft in ons land geen grote omvang aangezien men hier meer vertrouwd is met het systeem van overboekingen. In een aantal andere landen is het echter hoog ontwikkeld en is betaling met een cheque juist de normaalste zaak van de wereld.

Volgens het Wetboek van Koophandel moet een cheque bevatten (de nummers verwijzen naar de illustratie):

  • de benaming ‘cheque’;
  • de onvoorwaardelijke opdracht een bepaalde som (2a)/(2b) te betalen; bij verschil prevaleert het voluit geschreven bedrag (2b);
  • de naam van de bank die moet betalen (= de betrokken bank);
  • de plaats waar betaling moet geschieden;
  • de dagtekening en plaats waar de cheque is uitgegeven (= getrokken);
  • de handtekening van degene die de cheque uitgeeft (= trekt).

Verder kunnen volgens het Wetboek van Koophandel cheques worden:

  • uitgeschreven:
  • ten gunste van een vooraf genoemde partij;
  • idem, met clausule ‘niet aan order’;
  • aan toonder
  • ‘gekruist’ door twee evenwijdig lopende lijnen op de voorzijde van de cheque te plaatsen. Dit heeft als gevolg dat de cheque alleen maar op een bankrekening bij de eigen bank kan worden bijgeschreven.

Bankcheque of privécheque?

Een bankcheque verschaft de ontvanger uiteraard een veel grotere zekerheid dan een privécheque. Immers, de debiteur is bij afgifte van de bankcheque al belast op zijn rekening, maar voor de privécheque is dat niet het geval. De vraag bij privécheques is dan ook steeds of ze op het moment van aanbieding aan de betrokken bank ‘gedekt’ zijn, met andere woorden: of die bank op dat ogenblik voldoende fondsen van de trekker onder zich heeft om de cheque te kunnen betalen. Ook is het niet ondenkbaar dat de door de bank aan haar cliënt verstrekte cheques uitsluitend bestemd zijn voor binnenlands gebruik en dat dezelfde cheques – vanwege de deviezenwetgeving daar - niet aan buitenlandse begunstigden mogen worden afgegeven en dan ook als internationaal betalingsmiddel geen waarde hebben. Een bankcheque kan de begunstigde onder normale omstandigheden vrij gemakkelijk direct bij zijn bank verzilveren. Bankcheques worden namelijk op verschillende manieren ‘beveiligd’, andere banken kennen de trekkende bank, ze kunnen de handtekeningen verifiëren, enz. Bij privécheques is dit alles niet het geval.