Zetten VS-tarieven China+1-model onder druk?
Leestijd: 2 minuten
Wat de nieuwe tarieven betekenen voor productie en supply chains
27-08-2025 De nieuwe importheffingen van de Verenigde Staten (VS) voor diverse landen in Azië lijken op het eerste gezicht een streep te zetten door het China+1-model, waarbij bedrijven naast China ook productie elders onderbrengen. Toch blijft diversificatie aantrekkelijk, zo blijkt uit een vergelijking van de tarieven en kostenstructuren in de regio.
De VS hebben sinds kort extra invoerheffingen ingesteld op producten uit landen als Vietnam, Maleisië, Thailand en de Filipijnen (19 procent), Zuid-Korea en Japan (15 procent) en Singapore (10 procent). Myanmar en Laos vormen een uitzondering met heffingen van 40 procent. Voor China geldt een tarief van 30 procent dat zich stapelt bovenop eerdere heffingen. Hierdoor is de totale tarieflast gemiddeld 30 procent hoger dan bij veel buurlanden.
Eerste termijn Trump
In de eerste ambtstermijn van president Trump kregen honderden miljarden aan Chinese importproducten een heffing van 25 procent. Dat motiveerde bedrijven als Nike en Apple om een deel van hun productie naar Zuidoost-Azië te verplaatsen. Met de nieuwe heffingen op landen als Vietnam, Maleisië en Thailand rijst de vraag of het China+1-model van diversificatie nog rendabel blijft.
Is diversificatie nog lonend?
Ja. Ondanks de hogere invoerrechten blijven er drie redenen om productie ook buiten China te spreiden.
- Tarieven
De tarieflast op Chinese producten is de afgelopen periode sterker gestegen dan die van buurlanden. De extra 30 procent geldt op alle Chinese goederen en stapelt bovenop eerdere heffingen, zoals die op staal, aluminium en de 25 procent uit Trumps eerste ambtstermijn. In totaal bedragen de gemiddelde Amerikaanse tarieven op Chinese export nu 57,6 procent.
Voor andere Aziatische landen gaat het vooral om de nieuwe ‘wederkerige’ heffingen. Die zijn vaak lager, kennen uitzonderingen voor sectoren als consumentenelektronica, farmacie en luchtvaart en stapelen niet met andere heffingen. Daardoor is het verschil in effectief tarief tussen China en veel buurlanden verder toegenomen. Myanmar en Laos zijn door hun extreem hoge tarieven inmiddels duurder dan China, terwijl Maleisië juist aantrekkelijker is geworden: eind 2024 lag het effectieve tarief daar nog 10 procent lager dan in China, inmiddels is dat verschil opgelopen tot 30 procent. Zie de tabel onderaan dit artikel.
- Veerkracht
Supply chain resilience blijft onverminderd belangrijk. Geopolitieke spanningen, exportcontroles, sancties en dual-use-classificaties maken overmatige afhankelijkheid riskant. Het recente besluit van China om de export van kritieke aardmetalen af te knijpen, laat zien hoe landen economische afhankelijkheden strategisch inzetten. Ook verstoringen zoals oorlogen, natuurrampen en problemen in het zeecontainervervoer benadrukken de noodzaak van flexibiliteit. Spreiding van productie- en toeleveringslocaties verkleint deze kwetsbaarheid.
- Arbeidskosten
Tot slot spelen binnenlandse economische ontwikkelingen een rol. In China zijn de arbeidskosten de afgelopen jaren gestaag gestegen, terwijl landen in Zuidoost-Azië juist productiever werden bij lagere lonen. Het gemiddelde maandloon in de Chinese maakindustrie ligt rond 1145 dollar, tegenover 740 dollar in Maleisië, 347 dollar in Vietnam en zelfs onder 200 dollar in Indonesië en India. Deze grote verschillen in loonkosten maken het aantrekkelijk om productie te spreiden naar alternatieve centra in de regio.
Vooruitblik
Ondanks de nieuwe Amerikaanse importheffingen blijven landen in Zuidoost-Azië aantrekkelijk als alternatieve productiecentra. Als de Association of Southeast Asian Nations (ASEAN) bovendien werk maakt van een interne markt en het wegnemen van onderlinge handelsbarrières, kan de regio zich verder ontwikkelen tot een krachtig netwerk van waardeketens.
Daarnaast bereikte de EU in juli een politieke overeenkomst over een nieuw vrijhandelsakkoord met Indonesië, na tien jaar onderhandelen. Het doel is om het akkoord in september rond te hebben, een welkome ontwikkeling in tijden van geopolitieke fragmentatie.
Tariefverschillen met China
Vragen over internationale supplychains en zeecontainervervoer?
Neem contact op met Casper Roerade, beleidsadviseur Mainports & Internationale Supplychains.