TNO maakt eerlijk en veilig delen van logistiek en data mogelijk voor bedrijven
Leestijd: 4 minuten
Handels- en productiebedrijven gezocht die willen meedenken over oplossingen
Met minder middelen meer vervoeren. TNO werkt als onafhankelijke instantie én partner van evofenedex aan tools en systemen om dat mogelijk te maken. Eerlijk en veilig delen van middelen en data tussen transportbedrijven, eigen vervoerders en verladers is het doel.
De logistieke sector moet de komende jaren 10 procent meer vervoeren met minder personeel, minder ruimte en minder uitstoot. Die druk ligt niet alleen bij vervoerders, maar ook bij producenten, retailers en verladers.
De oplossing is een andere manier van werken en denken, waarbij de sector meer doet met minder. In plaats van elkaar alleen te beconcurreren, moeten partijen ook gaan samenwerken. Bijvoorbeeld door vrachtauto’s, laadinfrastructuur of magazijnruimte met elkaar te delen.
TNO werkt als onafhankelijke instantie en partner van evofenedex aan tools en systemen die moeten zorgen voor het eerlijk en veilig delen van middelen en data tussen transportbedrijven, eigen vervoerders en verladers.
Transport en handel onder druk
"Zonder logistiek is iedereen dakloos, naakt en heeft iedereen honger", las Jaco van Meijeren, senior lead consultant Supply Chain Innovation bij TNO, op een vrachtauto in het Verenigd Koninkrijk. Die slogan vat volgens hem goed samen wat er op het spel staat: zonder goed functionerende logistiek staat de hele economie stil.
Toch staat juist deze cruciale sector onder enorme druk. Want het personeelstekort is nu al kritiek en wordt door de vergrijzing alleen maar erger. De infrastructuur zit aan zijn maximum en door groot onderhoud wordt de wegcapaciteit zelfs minder. Daarbij komt nog de duurzaamheidsopgave. "Transport is de enige sector waar de CO2-uitstoot nog toeneemt", zegt Van Meijeren.
Gevolgen voor verladers
De genoemde problemen zorgen ook voor concrete problemen bij eigen vervoerders en verladers. Bijvoorbeeld volle magazijnen doordat goederen niet op tijd kunnen worden afgevoerd, of uitgelopen leveringen die klanten geld kosten. Of stijgende transportkosten die de marges voor iedereen onder druk zetten.
Daarnaast neemt de druk op leveringszekerheid alleen maar toe en stijgt de vraag naar wegtransport naar verwachting tot ruim 10% procent tot 2030. Er moet dus meer gebeuren met minder middelen.
Die transitie komt er hoe dan ook, de vraag is alleen wanneer en hoe. "Het zou een gemiste kans zijn om daarover alleen met vervoerders te praten", zegt Van Meijeren. "We willen juist ook verladers hierbij betrekken, want alleen zo krijg je een totale oplossing. Verladers die nu aanhaken, kunnen meedenken over hoe die het beste vorm kan krijgen."
Volle vrachtauto op terugweg
De oplossing vraagt om verder te kijken dan het eigen bedrijf. Een verlader die flexibel is in zijn laad- en lostijden, maakt het voor vervoerders mogelijk om efficiënter te plannen. Voor een groep producenten die samen investeert in laadinfrastructuur, is elektrisch transport haalbaar. Voor verladers levert dat concrete voordelen op: betere leverbetrouwbaarheid, lagere kosten door efficiëntere planning en een voorsprong op concurrenten die een afwachtende houding hebben.
Onderzoek van TNO toont aan dat 25 procent minder ritten mogelijk is. Die efficiëntie vertaalt zich in lagere kosten, minder CO2-uitstoot en betrouwbaardere leveringen. "We kunnen met dezelfde assets veel meer bereiken als we het samen doen in plaats van ieder voor zich", benadrukt Van Meijeren.
"Als we willen weten of jouw truck van A naar B kan rijden, hoeven we niet je hele planning en prijslijst te zien"
Meerdere kwekers naar één bloemenveiling
Neem een groep potplantenkwekers. Elk bedrijf heeft een tot drie vrachtauto’s waarmee het apart naar de bloemenveiling rijdt. "Soms rijden meerdere vrachtauto’s van verschillende kwekers dezelfde route, terwijl ze niet allemaal vol zitten", vertelt IJsbrand Kaper, business developer bij TNO. "Als ze slim samenwerken, kunnen ze met minder voertuigen hetzelfde vervoeren. Dat scheelt kosten, personeel en uitstoot."
Uit een enquête van TNO onder de kwekers kwamen concrete overwegingen naar voren. Argumenten van ondervraagden om vervoer te delen waren gezamenlijke uitdagingen rond elektrificatie en laadinfrastructuur, personeelstekorten en verduurzamingsverplichtingen die afnemers opleggen. Maar er waren ook zorgen: kunnen ze hun vrachtauto nog gebruiken als ze hem uitlenen aan de buurman? Moeten ze data op een platform zetten, waardoor ze afhankelijkheid creëren die ze niet willen?
Van wantrouwen naar samenwerking
"We hebben gezien hoe een groep containervervoerders probeerde samen te werken via een commercieel softwareplatform", vertelt Van Meijeren. "Dat mislukte volledig, omdat bedrijven het platform niet vertrouwden. Ze dachten: die partij verdient aan onze data en kan alles tegen ons gebruiken."
De barrières zijn duidelijk: wantrouwen over het delen van data, angst voor afhankelijkheid en zorgen over concurrentie. Voor verladers is dit vaak anders dan voor vervoerders. Transport is voor hen geen primaire business, maar een ondersteunende activiteit. Juist daarom is het zo belangrijk dat de oplossingen die worden ontwikkeld, ook voor die groep werken.
TNO's drie bouwstenen voor vertrouwen
Als onafhankelijke partij kan TNO op dat punt doorbraken realiseren. "We bouwen aan systemen waarbij bedrijven controle houden over hun data. Dus niet één centraal systeem waarin iedereen zijn data moet gooien", benadrukt Kaper. TNO gebruikt drie bouwstenen voor zijn systemen.
1) Collaborative business modelling
De eerste bouwsteen is collaborative business modelling. Dit zijn methoden om samen te werken, ook met partijen die je niet zo goed of helemaal niet kent. "Je kunt tot betere oplossingen komen met partijen die je misschien zelfs wantrouwt, door heel duidelijke afspraken vooraf vast te leggen", legt Van Meijeren uit.
Cruciaal hiervoor is dat niet alleen vervoerders om de tafel zitten, maar de hele keten, inclusief verladers. "Die wederzijdse afstemming tussen alle partijen is waar de echte efficiëntiewinst zit", zegt Van Meijeren. "Verladers die hun eisen op tafel leggen, helpen vervoerders om slimmere routes en gebundelde transporten te realiseren."
2) Selectief data delen
De tweede bouwsteen is werken aan oplossingen die alleen data vragen die op dat moment nodig zijn. "Als we willen weten of jouw truck van A naar B kan rijden, hoeven we niet je hele planning en prijslijst te zien", zegt Kaper.
Voor verladers is dit laatste net zo relevant als voor transportbedrijven. Een producent die zijn leveringsvenster deelt, helpt het systeem om transport slim te bundelen, zonder dat hij zijn productiecijfers, klantgegevens of strategische informatie hoeft te delen. "Je draagt alleen bij wat nodig is voor de puzzel en houdt de rest voor jezelf", vat Van Meijeren het samen.
3) Decentrale logistieke algoritmen
Dan de derde bouwsteen. In plaats van één centraal planningssysteem werkt TNO aan Talking Trucks. Dit zijn systemen waarbij vrachtauto’s onderling afspraken maken over wie welke lading meeneemt. Dit voorkomt dat één partij alles controleert en bepaalt.
Voor vervoerders en verladers betekent dit dat hun vraag niet verdwijnt in één centraal systeem waar ze geen zicht op hebben. In plaats daarvan kunnen ze op een eigen plek dankzij decentrale logistieke algoritmen zien hoe hun vervoersvraag wordt opgepakt. Zónder dat één commerciële partij de touwtjes in handen heeft.
"Zie het als een multidisciplinaire puzzel, waarbij technologie, organisatie, gedrag en vertrouwen allemaal moeten kloppen", vat Van Meijeren het samen. Die puzzel kun je alleen oplossen als alle schakels van de keten, van producent tot vervoerder, meedenken.
"Het kost enorm veel tijd om verschillende partijen in de sector te mobiliseren"
Meer daadkracht nodig
"We zien dat externe prikkels zoals zero-emissiezones werken", constateert Van Meijeren. De vraag is nu: welke systeemprikkels zijn nodig om gedeelde logistiek op grote schaal van de grond te krijgen?
"In Nederland hebben we veel overlegstructuren, maar te weinig daadkracht. Deze is wel nodig voor deze hoognodige transitie", vult Kaper aan. "Het kost enorm veel tijd om verschillende partijen in de sector te mobiliseren. Kennisinstellingen, brancheorganisaties, de overheid en bedrijven moeten samen ideeën oppakken om slagvaardig te worden."
Samen de transitie maken
"Gedeelde logistiek is geen luxe maar een noodzaak. We kunnen deze transitie samen maken", benadrukt Kaper. Voor verladers ligt hier dus een kans. Door actief mee te denken kunnen zij niet alleen kosten besparen en hun duurzaamheidsdoelen halen, maar ook hun logistieke processen toekomstbestendig maken. De eerste projecten vanuit het programma Future Proof Smart Logistics lopen inmiddels.
TNO zoekt actief naar verladers en eigen vervoerders die de uitdagingen rond gedeelde logistiek herkennen en al hiermee bezig zijn. "We zijn op zoek naar praktijkcasussen waar we samen aan kunnen werken", zegt Van Meijeren. "Ook sceptische bedrijven zijn welkom. Want juist door samen zorgen bespreekbaar te maken en te onderzoeken hoe we die kunnen wegnemen, komen we tot werkbare oplossingen."
Voor meer informatie over deelname aan projecten vanuit het programma Future Proof Smart Logistics kunnen bedrijven contact opnemen met IJsbrand Kaper.
Vragen over Supply Chain Management?
Nanne en zijn collega's helpen je graag verder
Vragen over Supply Chain Management?
Nanne en zijn collega's helpen je graag verder