08-07-2025
Bestelautobouwers: nog niet alles is elektrisch
BMarkt vraagt ook nog om verbrandingsmotor
De bestelautowereld trapt een beetje op de rem bij de overgang naar elektrisch rijden. Daar zijn meerdere redenen voor. Topmannen van twee grote spelers, Ford en Volkswagen, geven uitleg.
Twee aartsconcurrenten in de bestelautowereld, de Ford Transit en de Volkswagen Transporter, komen uit dezelfde fabriek. De samenwerking tussen Ford en Volkswagen achter de schermen komt niet alleen voort uit een pragmatische wens van kostenbesparing; de uitdagingen waar de bestelautowereld voor staat, zijn simpelweg te groot om solo aan te gaan. Zo heeft de Europese politiek de eis opgelegd om vanaf 2030 louter zero-emissievoertuigen op de markt te brengen.
Maar vrijwel alle merken zijn daarvan een beetje aan het terugkomen; de vraag naar e-bestelauto’s valt tegen. Ondernemers krijgen lang niet altijd de laadinfrastructuur op orde. En in de meeste Zuid-Europese landen staan openbare laadvoorzieningen nog in de kinderschoenen − of ze zijn er niet eens. Mercedes-Benz voegde daarom eind vorig jaar aan de gedane belofte om vanaf 2030 alleen nog elektrische auto’s te bouwen, nadrukkelijk drie woorden toe: ‘daar waar mogelijk’. Om die reden kan het nieuwe, aanvankelijk op volledig elektrische aandrijving gebaseerde EA.VAN-platform van Mercedes nu ook met verbrandingsmotoren overweg. Dit platform is de basis voor zowel de nieuwe eVito als de nieuwe eSprinter.
Verbrandingsmotor
Ook Ford en Volkswagen hebben de verbrandingsmotor zeker nog niet losgelaten in respectievelijk de nieuwe Transit en Transporter. In Nederland zijn, vanwege de ingevoerde bpm-heffing op dieselbestelauto’s, de prijzen van elektrische en dieselversies vrijwel gelijk, waardoor het dieselaandeel fiks is geslonken. Maar in de rest van Europa worden nog volop Transits en Transporters met dieselmotoren verkocht, of hybrideversies (voorzien van een benzinemotor en elektrische aandrijving).
De interieurs van de Ford Transit (foto) en de Volkswagen Transporter vertonen veel overeenkomsten.
Logisticx sprak topmannen van Ford en Volkswagen over hun bestelauto’s. Namens Ford was dat de Nederlander Hans Schep, general manager van Ford Pro, de bedrijfsautodivisie van Ford. Voor Volkswagen ging het om Albert Kirzinger. Hij zit als head of Design Commercial Vehicles in de raad van bestuur van Volkswagen.
Volkswagen en Ford zeggen allebei niet volledig meer te rekenen op volledig elektrische aandrijving in de nabije toekomst. Het nieuwe platform van de nieuwe Transit en Transporter kan ook overweg met diesel, benzine en hybridevormen. Waarom is dat?
Schep: “Het is zeker geen terugkrabbelen wat we doen. De auto-industrie reageert simpelweg op de markrealiteit. Wij zijn helemaal klaar voor de overgang naar elektrisch, maar de markt reageert anders op de overheidsregelgeving richting het einddoel. Het is wat mij betreft overduidelijk dat het overgrote deel van de bestelauto’s in de toekomst batterij-elektrisch is. De billion-dollar question is op dit moment: hoe snel gaat die verandering? Moeten we een multi-energyplatform maken of een puur elektrisch platform?
Het segment waarin de Transit Custom opereert, kent ook nog eens een enorme variatie in gebruikers: van grote fleets tot de eenmansdakdekker of -loodgieter. Wij hebben daarom een platform gecreëerd dat in ‘vol-elektrisch’ de nieuwe standaard kan zetten, terwijl we ook verbrandingsmotoren kunnen toepassen. Niet alleen diesels, maar zeker ook plug-inhybrides. Op die laatste hebben we heel bewust ingezet, omdat wij denken dat ze een heel belangrijke oplossing kunnen zijn in de transitie naar vol-elektrisch. In de productie kunnen we ook heel gemakkelijk switchen van de ene aandrijving naar de andere. Toen we dat besluit namen, was de verwachting dat er een overgang zou komen naar volledig elektrisch. Dus we zijn blij dat we in de ontwerpfase een slag om de arm hebben gehouden.”
“Het overgrote deel van de bestelauto’s is in de toekomst batterij-elektrisch”
General manager van Ford Pro
Kirzinger: ”Tja, uiteindelijk gaat het om de vraag wat je als autobouwer wilt bereiken. Brandstofmotoren hebben vele tientallen jaren de hoofdrol gespeeld en als Volkswagen hebben wij ons volledig gecommitteerd aan elektrische mobiliteit. Maar we hebben ook geleerd dat je altijd nog even verder moet blijven kijken. Het is niet handig als je op een eerder gedaan statement moet terugkomen of om volledig af te gaan op aannames.
We hebben veel verschillende klanten met ook veel verschillende wensen. We creëren ruimte voor de wensen en benodigdheden van onze klanten. Als de klant een brandstofmotor wil omdat hij lange afstanden rijdt, kunnen we die leveren. Het zijn efficiënte motoren, en zeker in de bedrijfsautowereld gaat alles om efficiency. Ik vind het niet zo belangrijk dat er nu wordt gezegd dat we in een wereld zitten die the real transformation doormaakt. Of het nou een elektrische aandrijflijn betreft, een diesel, een plug-inhybride of waterstof, uiteindelijk rollen de wielen.
En trouwens: ondernemers denken dat ze elke dag vier- of vijfhonderd kilometer rijden, maar dat is in de praktijk helemaal niet waar. Soms is daardoor zelfs een kleinere batterij beter. Monteurs en servicemedewerkers rijden vaak hooguit vijftig of zestig kilometer per dag, dat is makkelijk te doen met een elektrische auto.”
“Welke aandrijflijn het ook betreft, uiteindelijk rollen de wielen”
Head of Design Commercial Vehicles van Volkswagen
Wat de Transporter is voor Volkswagen, is de Transit voor Ford. Een icoon. Hoe moeilijk was het om een auto twee identiteiten mee te geven? En het eigen merk-DNA?
Schep: “Technisch gezien is de auto ontworpen als een Ford. Die vraag moet je dus eigenlijk vooral stellen aan Volkswagen. Maar het is zeker interessant om te zien hoe de go-creation – qua exterieur- en interieurdesign – is verlopen. Je wilt als merk zoveel mogelijk je eigen auto, maar tegelijkertijd streef je naar zoveel mogelijk synergie, zodat je de kosten kunt verlagen. Dat is uiteindelijk het doel: je gezamenlijke investeringen zo laag mogelijk houden om de klant de beste oplossing te bieden tegen een realistische prijs. In het ééntons-segment is uitstraling heel belangrijk. De auto is vaak echt een visitekaartje voor het bedrijf, ondernemers vinden het heel belangrijk hoe hun auto eruitziet. Het is niet meer zo van: doe maar een doos op wielen. Ford-rijders willen weer een Ford.”
Kirzinger: “Meestal is er bij dit soort gevallen al een bestaande auto en doe je het een en ander op het gebied van styling, making a badge. Dat is in de samenwerking met Ford niet gebeurd. Het belangrijkste doel was dat we in elke auto het DNA van het betreffende merk zouden inbouwen. Met de Transporter was het niet heel lastig, omdat we met een blanco papier konden beginnen. Dat maakt wel een belangrijk verschil. Wij kregen het recht van unique development, daar betaalden we Ford ook voor en we definieerden haarscherp onze doelstellingen. Mensen krijgen het Volkswagen-gevoel aan boord van de nieuwe Transporter. De hele architectuur van de auto is Transporter, vanaf het begin. Alles aan de binnenkant zegt en ademt Transporter. Zelfs bij gedeelde onderdelen die zichtbaar zijn, zoals de flanken, is het echt een Volkswagen.”
“Er is een enorme transformatie gaande in de autowereld en we hebben allemaal geen idee waar die eindigt”
Stel, de buurman vraagt: wat kan ik het best kopen, Transit of Transporter? Dan noem je als fabrikant natuurlijk je eigen merk. Maar waarom zou de buurman voor Ford óf Volkswagen (moeten) kiezen?
Schep: “Dat is duidelijk: vanwege het Ford Pro-ecosysteem, dat om de auto heen hangt. De auto is daarin het allerbelangrijkste onderdeel, maar we hebben daar wel het een en ander omheen gebouwd. Zoals connected vehicle data, dat naadloos is aangesloten op achthonderd Transit-servicecenters in heel Europa. En we hebben sinds 2021 onze Ford Liive-uptimecenters in de lucht, die op afstand de condities van de auto’s in de gaten houden en ervoor zorgen dat de auto het gewoon blijft doen. Downtime is na afschrijving de grootste kostenpost voor ondernemers, dus we doen er alles aan om de auto’s op de weg te houden. Ons ecosysteem is nieuw in de markt, er is nog niemand die dit doet. Zelfs onze klanten zeggen dat.”
Kirzinger: “Simpel, de vraag bij dit soort dingen is altijd waarop je wilt vertrouwen en bouwen. Dat is bij de bestelauto’s van Volkswagen zeker niet alleen de hardware. Het gaat ook om connectie, de ergonomie, hoe de auto is verbonden met de eigen ecosystemen van de gebruiker. En hoe je als ondernemer verbonden bent met je dealerbedrijf. Dat laatste zeker ook vanwege de aftersales. We geven vijf jaar garantie en dat is maar een voorbeeld.
Het gaat om het hele pakket dat je bij de auto krijgt. Er is een enorme transformatie gaande in de autowereld en we hebben allemaal geen idee waar die eindigt. Niemand weet ook hoe de competitie met andere merken verder verloopt. Het beste antwoord is daarom om goede oplossingen aan te dragen voor al die verschillende klantvragen.”
Guus Peters
Guus Peters