25-03-2026
Gastcolumn - Dutch Diamond
GStel u voor: Nederlandse mkb’ers die samen met lokale partners in Afrika een irrigatiesysteem opzetten, een vakschool helpen vernieuwen of betaalbare medische technologie leveren. Hechte samenwerking tussen overheid, ondernemers, kennisinstellingen en maatschappelijke organisaties in plaats van losse projecten. Dat is de kracht van de Dutch Diamond. En precies daarom heeft de SGP zich ingezet om deze aanpak steviger te verankeren in ons buitenlandbeleid.
Onlangs nam de Tweede Kamer mijn voorstel aan om deze publiek-private samenwerking te versterken. Kort daarna verscheen de term ook in het coalitieakkoord. Dat is terecht. De Dutch Diamond heeft zich als aanpak in de praktijk bewezen. Klassieke hulp in fragiele staten blijft nodig, maar in voormalige ontwikkelingslanden klinkt steeds nadrukkelijker de roep om een zakelijke benadering. Vanuit Nederland kunnen we partnerschappen aangaan die economische kansen verbinden met sociale vooruitgang.
Juist middelgrote en kleinere bedrijven kunnen het verschil maken
Tweede Kamerfractievoorzitter SGP en woordvoerder Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking.
Internationale samenwerking moet eerst en vooral gericht zijn op structurele vooruitgang: mensen in staat stellen zélf hun toekomst op te bouwen. Dat vraagt om meer dan subsidies of bilaterale hulp. Het vraagt wat de SGP betreft om ondernemerschap, vakmanschap en duurzame investeringen die tegelijk lokaal rendement opleveren en bijdragen aan het Nederlandse verdienvermogen.
Die gedachte is niet nieuw. In de beginjaren van de ontwikkelingssamenwerking werkten bedrijven, banken en kennisinstellingen al samen om landbouw en economieën te versterken. Het doel was zelfstandigheid bevorderen in plaats van afhankelijkheid creëren. Het principe van hulp die perspectief biedt in plaats van afhankelijk maakt, blijft voor de SGP leidend.
Intussen is de wereld wel veranderd. Nederland is net zo afhankelijk van Afrika als veel Afrikaanse landen van ons. Onze economie draait op internationale handel, grondstoffen, jonge groeimarkten en stabiele ketens. Instabiliteit elders raakt ons direct. Investeren in groei en veerkracht elders is dus ook investeren in onze eigen bestaanszekerheid. Ontwikkelingsbeleid is allang niet meer uitsluitend liefdadigheid, maar net zo goed wederkerigheid.
Niet alleen multinationals, maar juist middelgrote en kleinere bedrijven kunnen het verschil maken. Ze zijn innovatief en betrokken en zijn geworteld in families en samenleving. Denk aan ondernemers die beroepsonderwijs beter laten aansluiten op de arbeidsmarkt, of mkb’ers die met betaalbare medische technologie bijdragen aan betere moeder- en kindzorg in sub-Sahara-Afrika. In samenwerking met ngo’s, overheden en kennisinstellingen ontstaat zo blijvende impact.
Partnerschap creëert meerwaarde voor alle partijen in de Dutch Diamond. Mkb’ers kunnen daarvan profiteren. Maatschappelijke organisaties kennen de lokale context, diplomatieke posten openen deuren, kennisinstellingen leveren expertise en ondernemers zorgen voor innovatie en schaalbaarheid. Vanuit de Kamer blijf ik pleiten voor een toereikend ontwikkelingsbudget, maar de juiste partners bij elkaar brengen is minstens zo belangrijk.
De SGP kiest daarom bewust voor een buitenlandbeleid waarin ondernemerschap centraal staat. We moedigen het nieuwe kabinet daarom aan om te zorgen voor voldoende publieke middelen en de juiste randvoorwaarden voor publiek-private samenwerking. Een wereld met perspectief, stabiliteit en groei komt uiteindelijk ook Nederland ten goede.
Chris Stoffer
Hanno de Vries © SGP 2025