skipToContentskipToFooter

16-12-2025

Gastcolumn Jop Groeneweg - Maak veilig gedrag vanzelfsprekend

G

Er waait een frisse wind door veiligheidsland. Niet omdat er spectaculaire nieuwe theorieën zijn bijgekomen, maar omdat we teruggaan naar wat op basis van vijftig jaar onderzoek aantoonbaar werkt. Wie veiligheid wil vergroten, begint met de arbeidshygiënische strategie: risico’s stap voor stap aanpakken, van bron naar persoonlijke beschermingsmiddelen. 

In een distributiecentrum worden bijvoorbeeld vaten met gevaarlijke stoffen door vorkheftrucks verplaatst. Het risico bestaat dat een werknemer wordt aangereden. Het aanpakken van dit risico is een soort stappenplan: allereerst moet worden onderzocht of bronbestrijding mogelijk is. De eerste vraag is dus: kan het anders? Is het nodig dat de heftruck hier rijdt, of dat werknemers zich in diezelfde ruimte bevinden? 

Als bronaanpak niet mogelijk is, komen collectieve technische maatregelen in beeld. Zoals fysieke ­rijwegafscheidingen of waarschuwingssystemen die signaleren wanneer voetgangers te dicht naderen. Pas daarna volgen organisatorische afspraken, zoals duidelijke verkeersroutes en belijning of gerichte instructie voor het vermijden van aanrijdingen. Alleen wanneer al deze opties zijn uitgeput, komt het laatste vangnet in beeld: persoonlijke beschermingsmiddelen zoals reflecterende hesjes of toeters op de truck. 

Bedrijven die vooral inzetten op bronaanpak, blijken structureel minder ongevallen te hebben. Dat is ook logisch: waar mensen en heftrucks elkaar niet kunnen ontmoeten, kan ook geen aanrijding plaatsvinden. Helaas blijkt dat bedrijven in de praktijk toch te snel naar persoonlijke beschermingsmiddelen of bijvoorbeeld instructie teruggrijpen.

De belangrijkste vraag is: hoe kon dit in onze organisatie gebeuren?

Jop Groeneweg

Universitair docent Veiligheid aan de Universiteit Leiden en senior onderzoeker bij de Technische Universiteit Delft en TNO

gastcolumn-1.jpg

Een andere ontwikkeling betreft het omgaan met risico’s in het algemeen: het gaat bij veiligheid niet primair om individueel gedrag, maar om de omstandigheden waarin mensen werken. De vijf zogenoemde Human and Organisational Principles (HOP’s) geven organisaties handvatten om met veiligheidsincidenten om te gaan.

Allereerst is het belangrijk te onderkennen dat mensen fouten maken, ook al hebben organisaties hun uiterste best gedaan om dat te voorkomen. Daarop moet dus worden geanticipeerd, zodat een fout niet gelijk noodlottige consequenties heeft (HOP 1). Mensen de schuld geven helpt niet, want de oorzaak van het probleem blijft dan bestaan (2). De belangrijkste vraag is: hoe kon dit in onze organisatie gebeuren? Zo’n reactie (3) maakt openheid mogelijk en geeft zicht op de factoren die het gedrag logisch maakten in het moment. Verander je de situatie (het liefst aan de bron natuurlijk), dan verandert het gedrag (4) en kan de organisatie leren en verbeteren (5). 

Kortom: het toepassen van een combinatie van de arbeidshygiënische strategie met de HOP-principes kan een nieuwe impuls aan het veiligheidsbeleid geven. Veilig werken kunnen we stimuleren door niet te sturen op schuld, maar op de context waarin mensen werken. Door de werkomgeving beter in te richten en de werkomstandigheden te verbeteren, wordt veilig gedrag vanzelf het meest vanzelfsprekende gedrag. 

Jop Groeneweg