skipToContentskipToFooter

21-04-2026

Kijkje in de keuken bij ADR-audit

K

Beveiligingsplan tegen diefstal en misbruik van zeer gevaarlijke stoffen

Ondernemingen die werken met gevaarlijke stoffen, moeten een veiligheidsadviseur hebben. Veel bedrijven schakelen hiervoor een expert van evofenedex in. Op bezoek bij een fabrikant, waarvoor onze bedrijfsadviseur Thomas Heymen een ADR-audit uitvoert.

In de kamer van de HSE-manager van de fabrikant waarvoor Thomas Heymen deze ochtend een audit zal uitvoeren, hangt een ontspannen sfeer. “Deze audits verlopen altijd heel relaxed. Wij willen graag de veiligheid verbeteren en Thomas geeft ons altijd een handreiking hoe we dat kunnen doen.” Heymen, bedrijfsadviseur Gevaarlijke Stoffen bij evofenedex, knikt: “Ik breng bedrijven een stap verder om voorschriften correct toe te passen. Ik probeer weliswaar door de ogen van een inspecteur te kijken, maar kan uiteindelijk niets opleggen. Ik ben immers alleen een adviseur.”

Maar bij het doornemen van de actiepunten van de vorige audit wordt al snel duidelijk dat de fabrikant de adviezen van evofenedex zeer ter harte neemt. De onderneming, die niet bij naam genoemd wil worden, schakelt Heymen sinds drie jaar in als ADR-veiligheidsadviseur. Een van de adviezen van deze expert was een beveiligingsplan op te stellen voor een nieuwe stof die het bedrijf wil gaan gebruiken. Het betreft ‘100 procent ethyleenoxide’, een zeer giftig gas dat in klasse 2.3 van het ADR valt (het ADR bevat internationale regels voor het vervoer van gevaarlijke stoffen over de weg). Vanwege de veiligheidsrisico’s van het gas is hiervoor vanuit het ADR een beveiligingsplan verplicht. Hierin moet de onderneming onder meer de beveiligingsrisico’s en voorzorgsmaatregelen beschrijven om diefstal en misbruik van het gas te voorkomen.

Een van de adviezen was een beveiligingsplan op te stellen voor een nieuwe stof

Namen noemen

Heymen had het bedrijf eerder onder meer gewezen op de verplichting om in het beveiligingsplan specifieke verantwoordelijkheden toe te kennen aan personen. Simpel gezegd: in het plan moeten de namen staan van werknemers die met de gevaarlijke stof werken en wie waarvoor verantwoordelijk is. Dit is vanwege de hoge risico’s. “Daar heb ik nog een vraag over”, zegt de HSE-manager. “Wij hebben best vaak wisselingen van mensen. Mag ik ook alleen de functienamen noemen? Anders moet ik het document continu aanpassen.” Heymen begrijpt het dilemma, maar is streng: “Wij krijgen deze vraag vaak, maar volgens het ADR moet je écht namen noemen.”

Heymen licht toe: “Stel, je hebt een inkoopafdeling met twintig mensen. Dan is het verstandig alleen een hoofdinkoper de stoffen met een hoog gevarenpotentieel te laten inkopen, en hem te noemen in het beveiligingsplan. Want misschien zit er tussen de medewerkers wel iemand met verkeerde bedoelingen. Dezelfde werkwijze geldt voor bijvoorbeeld het lossen en opslaan van de gasflessen. Aan de benoemde mensen koppel je vervolgens beveiligingsmaatregelen, bijvoorbeeld cameratoezicht op de losplaats en gecontroleerde toegang tot de opslagvoorzieningen. Wel is het misschien verstandig twee extra namen als back-up te noemen voor het geval de hoofdinkoper bijvoorbeeld ziek wordt of met vakantie gaat”, tipt Heymen. “Duidelijk, we gaan overal namen bij zetten”, zegt de manager resoluut.

“Af en toe kom ik bij bedrijven die helemaal geen stoffenregistratiesysteem hebben”

Uitgebreid registratiesysteem

Het gesprek gaat over op andere zaken. Het stoffenregistratiesysteem, de veiligheidsinformatiebladen (VIB’s), de ADR-checklist… alles wordt gecheckt door Heymen. Bij de checklist let hij er bijvoorbeeld op dat ADR-vervoerders gecontroleerd worden op de verplichte uitrusting, waaronder brandblussers, en bij de VIB’s of die nog actueel zijn. Verder blijkt de 100 procent ethyleenoxide keurig in het stoffenregistratiesysteem te staan. Compleet met noodnummers en andere informatie. Heymen: “Ik word hier altijd erg blij van, want af en toe kom ik bij bedrijven die helemaal geen stoffenregistratiesysteem hebben, laat staan zo uitgebreid.”

Een advies uit de vorige audit van Heymen was de meldplicht bij transportincidenten met gevaarlijke stoffen te verfijnen. Onder transport vallen ook laden en lossen. Een dergelijk incident moet een bedrijf volgens artikel 47 van de ‘Wet vervoer gevaarlijke stoffen’ altijd melden bij de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT). De HSE-manager wijst direct naar de poster ‘Melden van ongewone voorvallen met gevaarlijke stoffen’ van evofenedex, die op een kast hangt. “De acties op die poster heb ik inmiddels genoemd in het noodplan. De telefoonnummers zal ik er nog bij zetten.”

De manager vertelt dat acht gevaarlijke stoffen in het bedrijf extra alertheid vragen. “Die hebben een speciale sticker op de verpakking. Als ze worden gemorst, mogen de medewerkers de plek niet zelf schoonmaken; we schakelen dan een gespecialiseerd bedrijf in. Onze magazijnbeheerder plakt de stickers op de verpakkingen. Zij is erg fanatiek en pakt dit soort zaken heel goed op.”

Werkvloer inspecteren

Als we even later het magazijn met chemicaliën bezoeken, zien we wat de manager bedoelt. Op de kastdeuren staan grote roze stippen die waarschuwen dat medewerkers niet zelf mogen schoonmaken als ze morsen. Op de etiketten van de producten in de kast waar het om gaat, staan dezelfde roze stippen. Heymen geeft de magazijnbeheerder een compliment. “Voordat ik hier kwam, was het een zootje”, zegt ze zelf. “Ik wil netheid, want ik krijg ook de audits. Bij de milieudienst zijn ze ook erg tevreden. De relatie was eerst niet goed, maar nu wel.” Ze vraagt Heymen gretig of hij een alternatief weet voor een afvalvaatje waar bijna niets in kan. Hij belooft het voor haar uit te zoeken. Als we weglopen, fluistert de manager: “Ik ben echt blij met haar!”

Zoals een goede veiligheidsadviseur betaamt, vindt Thomas Heymen altijd wel iets

Eenmaal buiten inspecteert de adviseur samen met de HSE-manager grondig de afvalstraat. Heymen neemt een kijkje in de opslagcontainers en zoals een goede veiligheidsadviseur betaamt, vindt hij daar altijd wel iets. Zo wijst hij naar een fles met een groot ADR-etiket dat − tegen de regels in − de UN-kenmerken afplakt. “Er kloppen meer dingen niet. Volgens het etiket bevat de fles een vaste stof, terwijl het om een vloeistof gaat. Ook hoort de fles in een goedgekeurde buitenverpakking te zitten”, stelt Heymen.

Als we verderop een andere opslagcontainer binnengaan, ziet de adviseur dat verschillende ADR-klassen door elkaar zijn opgeslagen. “Ik adviseer de klassen gescheiden op te slaan, conform de PGS 15 [richtlijn voor de opslag van verpakte gevaarlijke stoffen, red.]”, zegt Heymen. De HSE-manager haast zich te zeggen dat het om een tijdelijke situatie gaat en wijst naar een groot gat in de grond, waar nieuwe opslagcontainers komen. “Ze kunnen elk moment worden bezorgd!”

Heymen gaat met een tevreden gevoel naar huis. Al met al zijn de auditresultaten positief; vooruitgang is bij deze fabrikant ook dit jaar weer duidelijk zichtbaar. Dezelfde middag werkt hij zijn bevindingen uit in een auditverslag voor het bedrijf.

Scan Gevaarlijke Stoffen

Bij deze scan komt een veiligheidsadviseur Gevaarlijke Stoffen van evofenedex bij je langs om de processen rond gevaarlijke stoffen onder de loep te nemen. Hij of zij controleert of je bedrijf voldoet aan de wettelijke regels voor het vervoer en opslag van gevaarlijke stoffen en spreekt samen met jou een plan van aanpak door.

Wilma Nijdam

Wilma Nijdam