Systemen voor orderverzamelen

Het orderverzamelen begint altijd met het ontvangen van een verzamelopdracht en eindigt met het afleveren van de artikelen op een afgifteplaats.

De manier van orderverzamelen kan worden onderverdeeld in twee basissystemen:

  • Statisch orderverzamelen (de orderverzamelaar gaat naar de goederen toe)
    Het statisch orderverzamelen bestaat uit drie onderdelen: het transport van de orderverzamelaar naar de artikellocatie, het oppakken/grijpen van de goederen (handmatig of mechanisch) en het transport van de artikellocatie naar de afgifteplaats en het afgeven van de artikelen.

Magazijn orderverzamelen

  • Dynamisch orderverzamelen (de goederen gaan naar de orderverzamelaar toe)

    Bij het dynamisch orderverzamelen wordt het transport van de orderverzamelaar vervangen door het transport van de goederen naar een centrale orderpickplaats. Miniloads, A-frames, plateauliften en paternosters zijn  voorbeelden van  dynamische orderverzamelsystemen.

Dynamisch orderverzamelen

De keuze voor statisch of dynamisch orderverzamelen is onder meer afhankelijk van de pickfrequentie en de omloopsnelheid van een artikel. Artikelen met een relatief lage pickfrequentie en een lage omloopsnelheid lenen zich voor dynamisch verzamelen. Een barcodesymbool bestaat uit een serie streepjes en spaties, die cijfers en letters voorstellen. Je leest ze met behulp van een leespen of scanner die ze vertaalt naar bijvoorbeeld een artikel- of locatiecode. Barcode-identificatie kan overal in de goederenstroom worden toegepast, van goederenontvangst tot het afleveren van de goederen bij de klant. Dit zorgt voor een snelle en foutloze informatieoverdracht waardoor het aantal foute leveringen afneemt.

Er zijn verschillende typen barcode, bijvoorbeeld:

  • Interleaved 2 of 5
    • eenvoudige numerieke code
    • even aantal karakters
    • hoge dichtheid (dus een hoge opslagcapaciteit)
    • vaste lengte
  • Code 39
    • numerieke én alfanumerieke tekens
    • variabele lengte afhankelijk van het aantal gegevens dat in de barcode wordt vastgelegd
  • EAN-/UPC-code
    • Uitwisselbare codes. De European Article Number heeft ook een landennummer.
    • numerieke tekens
    • vaste lengte

De detailhandel gebruikt meestal de EAN 8 en 13. De 06 EAN 128 wordt ook steeds meer gebruikt.

Wat heb je nodig?

  • lezer, bijvoorbeeld een leespen of scanner
  • printer voor het afdrukken van de etiketten

De leesbaarheid van het etiket beïnvloedt de effectiviteit van de barcode in hoge mate. Stem de kwaliteit ervan dus goed af op de omgeving waarin ze gebruikt worden.

Voorbeeld - barcodering bij het orderverzamelen:

  • Je laadt de gegevens van de order vanuit de hoofdcomputer in een handscanner
  • op de display van de handscanner zie je de locatie van de orders in een logische volgorde
  • bij de locatie lees je de locatiecode op de stelling en je ziet het soort artikel en het aantal dat je moet verzamelen
  • je kunt ter controle de artikelcode inlezen
  • zo werkt je alle orderregels af

Tot slot geef je alle informatie door aan de hoofdcomputer en print je een paklijst en factuur

Marcel
Contact

Vragen over magazijnen?

Marcel en de andere ledenadviseurs helpen je graag verder