Begrippenlijst

Arbeidstijdenwet

Bestuurder
iedere persoon die een voertuig bestuurt, zelfs gedurende een korte periode, of die zich in het voertuig bevindt om het als onderdeel van zijn verplichtingen zonodig te kunnen besturen.

Wegvervoer
iedere verplaatsing die geheel of gedeeltelijk over openbare wegen plaatsvindt, in lege of beladen toestand, door een voertuig bestemd voor het vervoer van personen of goederen.

Voertuig
motorrijtuig, trekker, aanhangwagen of oplegger of een combinatie van deze voertuigen.

Motorrijtuig
ieder voertuig gewoonlijk gebruikt voor het vervoer van personen of goederen, dat zich op eigen kracht over de weg beweegt, niet zijnde een voertuig dat zich permanent langs spoorstaven beweegt.

Trekker
ieder voertuig in het bijzonder gebouwd voor het trekken, duwen of in beweging brengen van aanhangwagens, opleggers, werktuigen of machines, dat zich op eigen kracht over de weg beweegt, niet zijnde een voertuig dat zich permanent langs spoorstaven beweegt.

Aanhangwagen
ieder voertuig bestemd om aan een motorrijtuig of aan een trekker te worden gekoppeld.

Oplegger
een aanhangwagen zonder vooras dat op zodanige wijze aan de trekker of het motorrijtuig wordt gekoppeld dat een belangrijk deel van zijn eigen gewicht en van het gewicht van zijn lading door de trekker of het motorrijtuig wordt gedragen.

Week
de periode tussen maandag 00.00 uur en zondag 24.00 uur.

Rijtijd
de duur van de rijactiviteit zoals geregistreerd door de (digitale)tachograaf of handmatig bijgehouden indien de (digitale) tachograaf of bestuurderskaart niet goed functioneert.

Onderbreking
elke periode waarin de bestuurder niet mag rijden en ook geen andere werkzaamheden mag verrichten en die uitsluitend dient om te rusten.

Rusttijd
iedere ononderbroken periode waarin een bestuurder vrij over zijn tijd kan beschikken.

Normale dagelijkse rusttijd
een periode van rust van tenminste 11 uur. De normale dagelijkse rusttijd kan ook worden opgesplitst in 2 perioden, waarvan de eerste tenminste 3 ononderbroken uren bedraagt en de tweede ten minste 9.

Verkorte dagelijkse rusttijd
een periode van rust van tenminste 9 ononderbroken uren, maar minder dan 11 uur.

Toegestane maximum massa
de hoogst toegestane totaalmassa van een voertuig, inclusief het laadvermogen.

Onze ledenadviseur Martijn
Contact

Vragen over vervoer?

Martijn en de andere ledenadviseurs helpen je graag verder